Musea in het kasteel Doorwerth Hans Braakhuis
laatste update: november 2017
home
F.A. Hoefer. Na het overlijden van de weduwe van Brakell (1878) kwam kasteel Doorwerth leeg te staan. De van Brakell's waren de laatste particuliere eigenaren van het kasteel. Scheffer kocht in 1908 het Kasteel en omgeving. Het was hem te doen om de uiterwaarden van het kasteel, meer plek voor de koeien van de NV Modelboerderij Huis ter Aa. Het was de heer F.A. Hoefer, die het met de ondergang bedreigde kasteel uit eigen middelen aankocht in 1909. Daarmee sloeg hij twee vliegen in een klap. Het kasteel werd gered voor verder verval. En het kasteel Doorwerth kon geschikt gemaakt worden als museum. Hoefer had zelf een behoorlijke verzameling militaria en oude wapens. Hoefer schonk het kasteel daarna aan de Vereniging de Doorwerth. Deze Vereniging  is door Hoefer opgericht in 1909  met het doel het kasteel te herstellen. (Bulletin KNOB, pagina 155). Een Vereniging die nog steeds bestaat. Het was de Vereniging de Doorwerth die de gelden voor het grote onderhoud bijeen verzamelde en zo kon in 1913 Kasteel Doorwerth open als museum.
Kasteel Doorwerth is Nederlands eerste kasteel dat open gaat als museum.

1913
Na de renovatie in 1913 is het Kasteel Doorwerth zelf een museum.

De grote Ridderzaal in het kasteel, de slotkapel en drie andere zalen werden aan de Commanderij Nederland der Johanniter Orde afgestaan, onder de voorwaarde, dat de Commanderij de restauratie hiervan van deze zalen op zich zou nemen en de vertrekken voor het publiek ter bezichtiging zal stellen. Dat is destijds zo gebeurd en de restauratie van deze ruimten is door Jos Cuypers (van het buro Pierre Cuypers) gedaan.

Daarnaast kwam er een "Gelders Historisch Museum" of "Gelders Oudheidkundig Museum". Naast de geschiedenis over het kasteel Doorwerth zelf, was er ook aandacht voor in de buurt opgegraven, gevonden voorwerpen, zoals urnen, scherven, pottenbakkersresten. Deels van de pottenbakkerij die rond 1744 nog tegen de stuwwal stond.

Hierdoor is in 1913 vrijwel het gehele Kasteel te bezichtigen.
Van Nederlandsch Artillerie Museum naar Nationaal Militair Museum.

1913 - 1940
In 1913 opende in het kasteel het Nederlandsch Artillerie Museum. Hier een foto uit 1913 van de inrichting. De opening is gedaan door de Prins der Nederlanden: Hendrik. In 1923 werd het museum officieel erkend en kreeg het de naam "Het Nederlandsch Legermuseum". In 1928 was er een samenvoeging tot het "Nederlandsch Legermuseum".
De verzamelingen waren afkomstig van de heer Hoeffer zelf, de artillerie inrichtingen aan de Hembrug en  Delft, de Kon. Militaire Academie uit Breda. In de stallen van het Kasteel werd oud geschut van grote afmeting opgesteld, terwijl in verschillende vertrekken van het kasteel, die meerendeels genoemd zijn naar vorsten uit het Oranjehuis, kleinere wapens zijn ten toon gesteld. In 1939 krijgt het museum een nieuwe naam: "Het Nederlandsch Legermuseum Generaal Hoefer", waarmee de oprichter die een jaar eerder overleed, werd vernoemd. Begin 1940 werd besloten het museum te verhuizen naar Leiden. In 1941 ging er een gedeelte van de inventaris naar Leiden. Vanaf september 1944 werd het kasteel bezet door een Duitse SS divisie. De wederzijdse beschietingen (Driel was reeds bevrijd gebied) heeft het totale kasteel verwoest. De bronzen kanonnen werden gevorderd door de bezetter, en de rest is geroofd, verbrand. Zo'n 30 bronzen kanonnen werden na afloop van de oorlog, vervoerklaar, op een trein, in Groningen terug gevonden. Het nieuwe onderkomen in het Pesthuis te Leiden gaat open in 1949. Later komt er een dependance in Delf. Vanaf 1986 tot 2013 verblijft het Legermuseum Delft in het Armamentarium. Vanaf 2014 gaat het museum verder als het Nationaal Militair Museum in Soesterberg.   
Airborne Museum

1949 - 1979
Als de slotbewaarder R.G, Branderhorst na de zomer in 1945 terug komt op het Kasteel Doorwerth, begint hij met het verzamelen van het achtergebleven oorlogstuig. Branderhorst was voor de oorlog naast slotbewaarder ook de beheerder van het Legermuseum. Geholpen door de lokale politie, die al veel ingeleverd en gevonden oorlogsmateriaal opgeslagen had en de Vereniging de Doorwerth. Op 6 augustus 1949 begint het Airborne Museum in een houten Duitse leger barak (op het binnenterrein) van het Kasteel. In de eerste maand van opening werden al 2000 bezoekers geteld. In augustus 1950 kon men verhuizen naar het tegenwoordige Kasteelcafť de Zalmen. In 1979 vertrok het Airborne Museum naar voormalig Hotel Hartenstein in Oosterbeek.
Nederlands Jachtmuseum.

1973 - heden

Begin van het Jacht Museum op Doorwerth
In 1968 wordt de Stichting Nederlands Jachtmuseum opgericht. Na het gereed komen van de restauratie van de Zuidvleugel in 1973, begint men met het inrichten van het Nederlands Jachtmuseum, in de gehele Zuidvleugel. De officiŽle opening is in 1974. Na 2005 worden de 9 ruimten gedeeld met de Bosbouwcollectie en het Kasteel Museum. Anderen namen: Museum voor Natuur en Wildbeheer.
OfficiŽle heropening van het kasteel als museum na de WWII.

1986
Eerst in 1986 opent Prinses Juliana het Kasteel formeel. Dan zijn zes verschillende ingerichte stijlkamers waaronder de Ridderzaal weer ingericht en kan de bezoeker zelf vrijwel het gehele kasteel bezichtigen. Middels informatieborden kan de bezoeker lezen wat er in een ruimte te doen was.
Museum Veluwezoom.

1994 - heden

Per 1-1-1995 wordt het  Museum Veluwezoom een eigen stichting en gaat zelfstandig verder, naast de Stichting voor Heemkunde. Men wordt automatisch lid van beide stichtingen als men donateur wordt. Het eerste bestuur van de Sichting  bestaat uit: mr. M. Hartgers voorzitter; dr. H.J.Leloux secretaris; D. Huisman penningmeester; mevr. A. de Kluis, 2de secretaris, en de leden ir. J.W. Kneppelhout, C. Meijer, mevr. H. Teerink-van der Woerd en D. van Veelen.
Vanaf 1994 is er in het Kasteel ruimte voor het Museum Veluwezoom. Men toont schilderijen ea. gemaakt door leden van de Oosterbeekse kunstenaarskolonie, leden van "Pictura Veluvensis" en andere schilders uit de Oosterbeekse en Haagse school die op de Zuidelijke Veluwezoom gewerkt hebben. In het kasteel heeft men 3 ruimten ter beschikking, boven de ridderzaal en boven de bed- en eet-kamer.   
Nationale Bosbouwcollectie

2006 - heden
Vanaf 2006 is er in het Kasteel ruimte voor de Nationale Bosbouwcollectie. Samengesteld uit materiaal van de Koninklijke Nederlandse Bosbouw Vereniging en Kasteel Groeneveld.
Andere namen: Het Bosbouw museum
Overig   
Sinds 2006 heeft Kasteel Doorwerth enkele archieven van het Bureau voor Architectuur en Stedebouw Cramer-Riemersma-Godthelp en het instituut De Dorschkamp (waaronder een fotocollectie met werk van oa. de fotograaf Johan Weg). Niet toegankelijk.