Enkele Renkumse boeken
Hans Braakhuis
laatste update: november 2019

home
Hieronder wil ik proberen m'n eigen top tien aan boeken over het Renkumse weer te geven. Iets over de auteur en iets over een of meerdere boeken van deze auteur.

De boeken zijn alfabetisch op naam van de auteur weer gegegeven

Er zijn veel meet boeken over het Renkumse (gemeente), hier een overzicht in Excel.
Op nummer één van m'n top tien, staat het boek van Demoed. Hij heeft een zeer gedegen boek geschreven, en in 1953 was dat heel veel meer werk, dan als je dat nu zou doen. Helaas staan er ook wel enkele fouten in, onoverkoombaar. Over Demoed zelf is veel te weinig bekend. En dat terwijl hij toch een standbeeld verdient.
Wessel (Wes) Beekhuizen (8-4-1903 - 31-8-1978)
 
Wes Beekhuizen had in Renkum een meubelwinkel, wooninrichting, meubel stoffeerder, meubelmaker, aan de Dorpsstraat 197 (oud nummer). Werkte ook als makelaar van 1964 tot 1974. Ook zijn vader had aan de Dorpsstraat een meubelzaak. Vader was eigenlijk timmerman en werkte daarnaast ook als makelaar (woning buro Neerlandia). Na de dood van zijn vader in 1951 leidde hij de meubelzaak tot in de zeventiger jaren. Ook nam Wes het makelaarschap van zijn vader over. In 1959 zien we een eerste advertentie van het pension Beekhuizen. In 1961 verhuisd Wes naar de Utrechtseweg 195 Renkum. Vanf 1964 zien we ook het adres Dorpsstraat 85 in advertenties verschijnen. De winkel ging dicht rond 1974. Wes had een hobby: dorpshistoricus, fotograaf, schilder. Reeds daarvoor had Wes zijn sociale bewogenheid laten zien. Hij was een actief lid van de Renkumse IJsvereniging, Oranjevereniging (z'n vader was mede-oprichter in 1920 naast dr. Haverkorn van Rijsewijk), en de Christelijke Jongemannenvereniging. We zijn er nog niet: Zangvereniging 'Looft den Heer'., de Bijzondere Vrijwillige Landstorm, voetbalvereniging Wageningen.

De Wes Beekhuizenweg is vernoemd naar deze Renkummer. Ieder jaar, tijdens het Goudenstuiver Gala, reiken De Dolle Instuivers (Carnavals vereniging) aan een inwoner of groep inwoners binnen de gemeente Renkum de Gouden Stuiver uit. Wes Beekhuizen kreeg zijn stuiver in 1974.

Wikipedia

Wessel Beekhuizen
In een overlijdensadvertentie staat dat Wes op 26 augustus 1987 is overleden. Deze advertenite verscheen in De Telegraaf van 28-08-1978.
Wes Beekhuizen
Op het graf staat een andere overlijdensdatum: 31 augustus 1978. De advertentie hiernaast was al drie dagen eerder verschenen.
Het mysterie van de overlijdensdatum: Broer Wim die later is overleden wordt ook genoemd in de overlijdens advertentie. Aan te nemem is dat nadien de stele van Wessel is aangepast, dat er geen nieuwe steen gemaakt is. In de advertentie staat Dorpstraat 85. En de persoon op de grafsteen is 75 jaar oud.
Er is in Renkum een andere Wessel: Wessel Beekhuizen, 01-05-1915 - 12-06-1973. Hij werd 58 jaar. Niet de Wessel, de auteur.

Enkele boeken

Groen was mijn dorp. Renkum in de jaren 1900-1925.     Beekhuizen, Wes    1973

Van Cortenbergh tot Oranje Nassau's Oord 1357-1976    Beekhuizen, Wes     1976

Groen was mijn dorp. Renkum in de jaren 1900-1925.     Beekhuizen, Wes    1983
tweede gewijzigde druk

Wikipedia

Een foto van het helaas geruimde graf op Algemene Begraafplaats Harten te Renkum is hier te vinden.

Wes Beekhuizen
Wes Beekhuizen

Klaas Bouwer 1935 - heden

De geschiedenis van bos en landschap van de Zuidwest-Veluwe biedt een uitvoerig overzicht van meer dan tweeduizend jaar bos- en landschapshistorie van de Zuidwest-Veluwe. De ontwikkeling van de bosbouw en het beheer en gebruik van het bos vormt de hoofdlijn, tegen de achtergrond van sociaal-economische en juridische ontwikkelingen ook op Gelders en landelijk niveau.

Website Klaas Bouwer
Klaas Bouwer Renkum
Cees Burgsteyn
E.J. Demoed

is deze persoon dezelfde als Evert Jan Demoed    07-06-1920    13-06-2006, begraven op Moscowa?

Een in Arnhem woonachtig gemeenteambtenaar, een amateur historicus.

Uit Wes Beekhuizen; Groen was mijn dorp;
 "De heer E. J. Demoed, die geruime tijd op de secretarie der gemeente Renkum werkzaam is geweest, voltooide, naar ik meen in 1949, een boek "Van een groene zoom aan een vaal kleed", waarin uitvoerig de geschiedenis van Oosterbeek, Wolfheze, Doorwerth, Renkum en Heelsum beschreven wordt. Dat omvangrijke werk, verlucht met veel oude foto's, heeft terecht een grote lezerskring gevonden. De beschouwingen die de heer Demoed in zijn boek aan de huidige algemene situatie in Renkum wijdt besluit hij met deze zin: En de nijvere bevolking zal verknocht blijven aan de grond die hun voorvaderen reeds bewerkten. Die woorden kan ik volledig onderschrijven en juist door die verknochtheid wordt menig geboren en getogen Renkumer zo pijnlijk getroffen bij elke beschadiging van het dorp, de omgeving of het landschap, ten behoeve van wegenaanleg, woningbouw of industrie".

Uit: Gelre, Bijdragen en Mededelingen 1953.
"In een boek van 358 bladz. van flink formaat, met 19 kaartjes, biedt de schr. ons een geschiedenis van het gebied, dat thans de gemeente Renkum vormt. Dit uitgestrekte terrein vereiste dus de behandeling van veel zeer verschillende onderdelen. Wij moeten bewondering hebben voor de volharding, waarmede uit de verspreide gedrukte bronnen en uit het oudere en jongere archiefmateriaal de gegevens hiertoe bijeengebracht zijn. Bij de vermelding van zijn bronnen heeft de schr. zich in hoofdzaak beperkt tot het oudere materiaal. Het vastleggen van de gegevens aangaande de 196 en 2oe eeuw is echter van bijzonder belang, omdat het beschreven gebied in de jongere tijd grote veranderingen heeft ondergaan, terwijl het gemeentearchief, waar men deze gegevens in de eerste plaats zou zoeken, in de laatste oorlog verloren is gegaan. Het zou te wensen zijn, dat de schr. zijn oorspronkelijke aantekeningen voor het nageslacht veilig stelde. De stof is gegroepeerd in een vijftal hoofdstukken, waarvan het 36, 46 en 56 gewijd zijn aan de voormalige heerlijkheid, later gemeente Doorwerth, aan Renkum en aan Oosterbeek. De hoofdstukken zijn onderverdeeld naar gelang van de aspecten, die bij deze plaatsen ter sprake moesten komen. In het eerste hoofdstuk wordt, na een beschrijving van de bodemgesteldheid, de rivier de Rijn en de beken, een helder beeld gegeven van de vorming der gemeente Renkum, die het oude schoutambt van die naam (dat als onderdeel van het richterambt Veluwezoom lag tussen het schependom van Wageningen en dat van Arnhem) en de heerlijkheden Doorwerth en Rosande omvat. Het tweede hoofdstuk is gewijd aan de domeingoederen, de Renkumse heide en de Doorwerthse en Oosterbeekse heggen (bossen). Bij Doorwerth worden heerlijkheid en kasteel behandeld in enige afdelingen, die afgewisseld zijn door de onderdelen betreffende de ontwikkeling van de buurschap Heelsum, de papiermolens langs de beek, het dorp Wolfheze met de hof en het wildforstergoed van die naam en het nieuwe dorp Wolfheze, dat eerst na 1900 ontstond. Daarna wordt de kerkgeschiedenis behandeld, vervolgens het schuttersgilde van St. Anna, terwijl het hoofdstuk eindigt met een afdeling over de groei van landgoed naar industriedorp (de Heveafabriek, gesticht op een gedeelte van het landgoed de Duno) en een over de geschiedenis van de gemeente Doorwerth in de 19de en 20ste eeuw. In het hoofdstuk over Renkum is ondermeer het in 1405 gestichte klooster behandeld, vervolgens het in 1864 gesloopte kerkje, het kasteel Grunsfoort, de buurschap Harten met Quadenoord en de Keyenberg, de papiermolens, de Renkumse meent, het O.L. Vrouwe-gilde, waarna enige afdelingen volgen over de ontwikkeling na 1800. Aangaande Oosterbeek worden afdelingen gewijd aan de oudste gegevens, de geschiedenis van de kerk (o.m. de opgravingen van 1946), de landgoederen de Oorsprong (met Koude Herberg en Westerbouwing) en Sonnenberg, de Hemelsche Berg, Pietersberg en Hartenstein, het klooster Mariëndaal, de heerlijkheid Rosande; voorts aan het dorp Oosterbeek sinds de aanvang van de 196 eeuw. Hier en daar maken de topografische benamingen de hulp van kaarten onontbeerlijk. De schr. vervaardigde ze zeer fraai en nauwkeurig, maar het is jammer dat ze zo klein gereproduceerd zijn. In zijn historische beschouwingen waagt de schr. zich een enkele maal op glad ijs en glijdt dan wel eens uit, doch zijn problemen waren ook niet van eenvoudige aard. De grote waarde van zijn arbeid ligt in de beschrijving van de meer recente tijd. Een index, waarin echter niet de persoonsnamen zijn opgenomen, vergemakkelijkt het gebruik". P.J.M.

Enkele boeken:

Nederl. hervormde kerk te Oosterbeek: een duizend-jarige    Demoed, E.J.    1949

Nederlands Hervormde Kerk te Oosterbeek : met een voorwoord van Ph.W. Bergkotte en een beknopt verslag van de ingebruikname der kerk op 17 en 18 December 1949    Demoed, E.J.    1950

Van een groene zoom aan een vaal kleed    Demoed, E.J.    1953

Van een groene zoom aan een vaal kleed. De geschiedenis van de dorpen Oosterbeek, Wolfheze, Doorwerth, Heelsum en Renkum    Demoed, E.J.    1965
een niet gewijzigde her-uitgave. Ook de uitgaven hierna zijn ongewijgigd.

Van een groene zoom aan een vaal kleed. De geschiedenis van de dorpen Oosterbeek, Wolfheze, Doorwerth, Heelsum en Renkum    Demoed, E.J.    1966

Van een groene zoom aan een vaal kleed. De geschiedenis van de dorpen Oosterbeek, Wolfheze, Doorwerth, Heelsum en Renkum    Demoed, E.J.    1969

Van een groene zoom aan een vaal kleed. De geschiedenis van de dorpen Oosterbeek, Wolfheze, Doorwerth, Heelsum en Renkum    Demoed, E.J.    1974

Van een groene zoom aan een vaal kleed. De geschiedenis van de dorpen Oosterbeek, Wolfheze, Doorwerth, Heelsum en Renkum    Demoed. E.J.    1987

Enkele links over Demoed

Digibron


Kerkgeschiedenis van de Graafschap    Demoed, E.J.    1996

Demoed Renkum
H.C.J. Erkens Erkens, H.C.J., Uit de Oude Doos. Verhalen over de vijf dorpen in het groen: Doorwerth, Heelsum, Oosterbeek, Renkum, Wolfheze. Oosterbeek (Kontrast), 1997.
Patrick Jansen

Bosbouwkundige Patrick Jansen, oud-directeur Stichting Probos, tegenwoordig docent WUR.

De landgoederen in het Renkums beekdal hebben een bijzonder rijke historie. Het boek neemt de lezer mee op een fictieve wandeling over de landgoederen Oranje Nassau’s Oord, De Keijenberg en Oostereng. Het biedt een bijzondere blik op de geschiedenis van deze landgoederen en brengt recent opgeknapte historische elementen onder de aandacht. Van heide tot lusthof. Landgoederen in het Renkums beekdal is het resultaat van vier jaar intensief onderzoek door boshistoricus Patrick Jansen. Het schetst een kleurrijk beeld van wat er zich in het verleden allemaal op de landgoederen heeft afgespeeld, en legt uit waarom het bos er zo uitziet als het nu doet. Aan het boek is een topografische kaart met de locaties van de tientallen beschreven elementen bijgevoegd.
Patrick Jansen
H.J. Leloux uit Oosterbeek (9-10-1927 - 8-4-2003)

Hermanus Johannes Leloux werd op 9 oktober 1927 te Münster (D.) geboren. Na zijn gymnasium A te Nijmegen behaalde hij in 1948 zijn onderwijzersakte en rondde hij in 1958 zijn doctoraal Duits af aan de KU. Nijmegen. Sinds 1953 was hij werkzaam in het middelbaar onderwijs en in 1957 werd hij leraar Duits aan het Thomas á Kempiscollege te Arnhem. In 1971 volgde een doctoraat aan de R.U. Gent op het proefschrift 'Zur Sprache in der ausgehenden Korrespondenz des hansischen Kaufmanns zij Brugge'. Deze publicatie leidde tot zijn onderscheiding met de Conrad Borchling Preis der Stiftung F.V.S. te Hamburg (in 1972). Latere onderscheidingen waren die met de Alfred Mozerprijs van de Provincie Gelderland (1981) en de Erepenning van de gemeente Renkum (1998). Leloux was bestuurslid bij Heemkunde Renkum van 1986 tot 1996. Hij was ook bestuurslid bij de Stichting Museum Veluwezoom. Leloux overleed te Arnhem op 8 april 2003.

H.J. Leloux


Door Leloux geschreven:

Een laat-middeleeuws "memorieboek" uit de kring der Moderne Devoten, Ons Geestelijk Erf 52 (1978) 229-243

Vorden in de jaren 1794 – 1796, Jaarboek Achterhoek en Liemers deel I-1978, 1978

De oud - Doetinchemse gilden van Eendracht en van Vrede. Naar gegevens uit 16de en 17de eeuwse gildeboeken en enig andere bronnen. Doetinchem., 1981. 82 p. Met afb.

(Uitgegeven door.) Het Zutphens Liedboek, MS Weimar oct 146. Zutphen., 1985. 208 p. M. ill.

Kroniek van Mooi-land, doopsgezind tehuis 1936-1986. 1986. 144p.

In Heerlijckheit en Hoofdkwartier, 1949 - 1989. H.J.Leloux, 40 jaar Heemkunde - activiteit in de gemeente Renkum. Duyts, W.J.M. Airborne Museum in zijn nieuwe opzet in Huize Hartenstein. Oosterbeek, 1989. 60p. M.ill.

Register van persoons-, plaats-, veld- en andere namen uit E.J. Demoed: "Van een groene zoom aan een vaal kleed". Arnhem 1973. Sticht. voor Heemk. in de gem. Renkum, 1987. 27 p. (offset). Renkumse hist. Reeks I

'Het kasboek van de kerkmeesters van Oosterbeek (1600-1650)'

Meerdere artikelen in Schoutambt en Heerlijkheid en Leloux verzorgde lezingen over Tony de Ridder en Johan Wesselink.
Gerrit Jacob Peelen, 2 mei 1905, Renkum - 15 oktober 1966, Den Haag

auteur van het boek: Het begon onder melkenstijd.

Een boek over de oorlogsavonturen van
Jan Peelen
Jan Peelen, drager van de Militaire Willems-Orde.

Een broer van Gerrit Jacob (de auteur) en Jan Peelen is Jacob Peelen. Op de eerste dag van de Duitse inval moesten de inwoners in Renkum/Heelsum lange tijd noodgedwongen binnen blijven. Daardoor konden de koeien buiten in de wei niet gemolken worden. Toen het erop leek dat de beschietingen afnamen en het buiten rustiger leek te worden,  besloot Jacob, samen met een paar knechts de koeien in het weiland bij Oranje Nassau’s Oord te gaan melken. Tijdens het melken zijn toen Jacob Peelen en één van de knechts: Gerrit van Ham doodgeschoten. Dit is de reden van de titel van het boek: "Het begon onder melkenstijd".


G.J. Peelen Melkenstijd G.J. Peelen Melkenstijd
Peelen Melkenstijd
Peelen Melkenstijd
Het boek 'Het begon onder melkenstijd' uit 1955 is een must voor liefhebbers van oorlogsverhalen. De avonturen van Jan Peelen tijdens de laatste periode van de 2de Wereldoorlog zijn beschreven door een oudere broer van Jan: Gerrit Jacob Peelen (1905 - 1966). Er zijn vele herdrukken (22 of 30 stuks) verschenen.
In december 1945 gaat Jan in dienst als oorlogsvrijwilliger bij het 10de regiment infanterie. Hij wordt in 1946 bevorderd tot korporaal in Nederlands-Indië en in 1947 tot sergeant. In 1952 ontslagen uit de militaire dienst. Daarna werkzaam als expediteur.
Jan Peelen is in 1950 te Emmen gehuwd met Jeltje van Hoving (1915 - 1993). Er zijn 3 kinderen uit dit huwelijk.
Jan Peelen is rond 1960 naar Zaandijk verhuisd, hij is begraven in Krommenie. Zijn graf is intussen geruimd.
In Renkum is er sinds november 2000 een Jan Peelen plantsoen. Een doodlopend zijstraatje van de Kerkstraat.
Wikiwand
Hendrikus van Roest. 25-7-1856 - 11-3-1953

Deze in 1856 geboren dorpssmid schreef in een schrift een soort register met  omstandigheden en gebeurtenissen van zeer oude dorpelingen en waar deze in Renkum woonden. Dat met potlood geschreven schrift is door hem daarna met pen overgeschreven. Iets wat de leesbaarheid niet heeft verbeterd.
Dit geschrift van Roest is ingezien door Wes Beekhuizen, Cees Burgsteyn en vele anderen.

Waar is dit schrift nu? Mevrouw Tinie Wijnstekers, ooit werkzaam op het Gelders Archief schreef in 2005 dat het schrift van van Roest is uit-getypt. Dit is in een verleden gedaan door de toenmalige voorzitter en ere-lid van het Historisch Genootschap Redichem. Waarschijnlijk nog steeds aanwezig in het archief van de familie Burgsteyn.

Cees Burgsteyn citeert van Roest in deze link van de Stichtng Heenkumde Renkum:
“Renkum, 1950. In dit boek heb ik , H.H. van Roest, gewezen meester- smid te Renkum geschreven de geschiedenis over geheel Renkum, vanaf 1864 tot en met 1940. En nu geef ik het aan een ieder die het eens hebben wil om het eens te lezen. En als het zo rond gaat van de ene op een ander, gelieve mij dan te berichten, zodat ik weet waar het is. Want als er dan iemand b i j mij komt voor dit boek, dan weet ik waar het is. Verder is het voor iedereen beschikbaar. Het zijn 61 bladzijden. Een hele tijd heb ik er over gedaan.
Het was met potlood geschreven, en dat werd na tien jaar wat bleek. En zo heb ik dan, nu in 1950 geheel met inkt overgeschreven. Op iedere bladzijde heb ik 1 uur geschreven. Dus 2 maal 61 uur is 122 uur. H.H. van Roest, nu 94,5 jaar oud. Ik ben geboren op 25 juli 1856.” Aan het einde van het boek schrijft hij: “ Een vriendelijk verzoek dit boek goed  te behandelen, en niet te beschadigen. Een ieder mag het wel lezen, en weer bij mij terugbrengen. Of bij den Heer van de Born, de koster.”

Enkele citaten van Wes Beekhuizen, kennelijk leterlijk overgenomen uit het geschrift van Van Roest:
 Hendrikus van Roest vertelt dat in 1876 het water zo hoog was dat de turfschepen losten aan de Dorpsstraat tegenover de school. Die schuiten zeilden dus, geladen en wel, over de rivierdijk en die moet dan toch sedert 1876 wel aanzienlijk verhoogd zijn want ik heb die dijk wel vele malen onder water gezien maar nooit zo diep dat er zelfs een leeg schip overheen had kunnen varen.
Wat die winter van 1890 in Renkum betreft noteerde Hendrikus van Roest dat toen in het laatst van november de Rijn, bij zeer lage waterstand, al tot op de bodem bevroren was. Half januari begon het te dooien maar er kwam aanvankelijk geen toevoer van water uit Duitsland. Dat gebeurde pas op 2 fefebruari en toen plotseling met een dusdanig geweld dat het halve dorp uitliep en het op zondag om zes uur in de morgen aan de veerkop zwart zag van de nieuwsgierige Renkumers. Maar het Rijnwater stroomde op een zeker ogenblik toe in een soort vloedgolf en de dorpelingen moesten ijlings wegvluchten. Om negen uur stond de Veerweg ruimschoots blank en om twee uur in de middag was hij weer droog of althans begaanbaar.
Een smalle doorgang langs Hulshuizen's pand leidde naar de smederij van Hendrikus van Roest aan de Dorpsstraat maar men kon zijn smederij, achter het huis aan de Dorpsstraat, ook met paard en wagen van de Achterdorpstraat af bereiken en dat was wel nodig want in ons dorp woonden toen nog veel boeren zodat elke smid regelmatig met hoefbeslag en het leggen van hoepels om wagenwielen van doen had. Er was bovendien een stalhouderij, meerdere rijke families hielden er nog gerij op na en ook de steenovens droegen er toe bij dat onze dorpssmeden dagelijks de blaasbalg hanteerden en de vonken door hun smidse spatten.
De smederij van Hendrikus vader, Bartholdus van Roest, had tot 1856 naast het huis in de Dorpsstraat gestaan maar werd toen verplaatst naar de achterkant en op het vrijgekomen stukie grond bouwde Jan Scheffer zijn woning.

Bij Hisgis is in 1832 het pand van de vader van van Roest terug te vinden: Renkum kadastraal numme D71; Lambertus van Roest; smid te Renkum; 280 m² huis en erf; klasse 1 belastbaar inkomen ƒ 0,78; gebouwklasse 11 belastbaar inkomen ƒ 21,00. Ook de tuin met kavelnummer D70 tot aan de Achterdorpstraat was van Lambertus van Roest. De smederij bestaat niet meer. Op het huidige adres Dorpsstraat 125 Renkum  is jarenlang een doe-het-zelf-winkel geweest. De BAG geeft aan dat dit huidige pandal in 1882 in gebruik genomen is. Ook aan de rechterzijde kavel Renkum D72 was van Lambertus van Roest, smid te Renkum, 130 m² huis en erf, klasse 1 belastbaar inkomen ƒ 0,36 gebouwklasse 14 belastbaar inkomen ƒ 6,00. Het woonhuis dus.

Het hekwerk om de Wilhelminalinde; het kunstige smeedwerk dat Hendrikus van Roest in 1898 gemaakt heeft is zelfs nu nog een bezichtiging waard.

Ruud Schaafsma 1848 - heden
Ruud woont in het Renkumse sinds 1975. Getroffen door de vele beken in het schitterende landschap, begon hij te schrijven over deze beken en de landschappen.
Dat begon met het boek: ’Wandelen in het Renkumse beekdal’ uit 1994. Het wordt niet meer uitgegeven. Daarna verscheen ’Thijsse wandeling’ in 1996. In 2003 verscheen: ’Cultuurhistorie van de beken op de Zuid-Veluwe’. In 2004 verscheen ’Wandelingen rond Wageningen in het voetspoor van Hemmo Bos’.
Voor mij kwamen daarna de 2 hoogtepunten in het werk van Ruud: ’De Oosterbeekse en Doorwerthse beken" in 2010. En 'De Renkumse en Heelsumse beekdalen" in 2012.

Op pad met Ruud Schaafsma in het Renkums Beekdal, Video Hein Dielissen Youtube

Ruud Schaafsma website

Ruud Schaafsma Renkum
Ruud Schaafsma Renkum