Heveadorp Hans Braakhuis

bijgewerkt in december 2022
 Waarschijnlijk hebben al zo'n 5000 jaar geleden mensen zich gevestigd nabij de Seelbeek; dat zou kunnen blijken uit opgravingen die hier zijn gedaan uit die tijd. De naam Seelbeek (Selebach, Zaelbecke, bij Heveadorp) komt voor in een akte uit 893, als ene Magofrid een bouwhof van Hof Seelbeek schenkt aan het klooster Lorsch in Hessen, gelegen in het groothertogdom Hessen.
Het dal van de Seelbeek bij Doorwerth is al bewoond sinds de prehistorie. De Hof te Seelbeek (Selebach) wordt in 839 voor het eerst genoemd. In de Middeleeuwen ontstond de Hunnenschans, een vroeg middeleeuwse rondburcht, en ook Kasteel Doorwerth werd in die tijd gebouwd. Op een lijst uit het jaar 1215 van de bezittingen van de kerk van Sint Pieter in Utrecht wordt ook de hof Seelbeek, “curtis Selebeke”, genoemd. Paus Innocentius II nam op 28 Mei 1215 het kapittel van St. Pieter te Utrecht met al diens bezittingen in bescherming. Vandaar de lijst met bezittingen. Aan de bovenloop van de Seelbeek verdween het Seelbeekhof. Dit hof wordt al genoemd in 839, bestond nog in de 15e eeuw en is nadien verlaten. In 1459 stond in de omgeving een tweede hof, die vůůr 1643 eveneens is verlaten.
Lees pagina 10-11. E.F. Sloet van Oldruitenborgh, (1985). Heveadorp; het wedervaren van een ongewoon dorp. Amstelveste, Lelystad/Gerritsen, Renkum.
Het goed ter Aa was rond 1500 al een soort landgoed, doch zonder een grote villa. Het ging van het Kasteel tot aan de Oude Kerk in Oosterbeek. Eigenaar is de fam. Bentinck, die tot in de 20ste eeuw nog eigenaren waren van verschillende kavels in Oosterbeek. In de 16e en 17e eeuw is de Hemelse Berg in Oosterbeek nog een onderdeel van het goed ter Aa. Het  buiten is dan eigendom van Hendrik Bentinck (overleden 1502), daarna vererft het buiten aan Alexander Bentinck en nog weer later naar Steven Bentinck en zijn zoon Johan Bentinck tot ter Aa.
"Op 21 mei 1712 werd bepaald dat de oostelijke grens tussen de heerlijkheid Doorwerth en het Richterambt van de Veluwezoom, de Seelbeek werd. Op verschillende punten langs de grens wierpen arbeiders heuveltjes op, waarop houten bakens gezet werden, zodat men, staande op zo'n heuveltje, de eerstvolgende kon zien. Aan de uitgang van het Seelbeekdal kwam een tol. De tolgelden zorgden voor het geld voor onderhoud van de wegen. Het tolhuis 'De Tol' aan de Fonteinallee bestaat nog steeds". Uit De Fonteinallee herleeft; Cees Gerritsen; 2007

Aanvulling HB: het oorspronkelijke tolhuis was in de boerderij ter Aa, afgebroken in 1907. Het latere tolhuis aan de Fonteinallee 3 in Heveadorp is volgens de BAG gebouwd in 1900 ???
In 1895 werd bij baggerwerkzaamheden aan de monding van de Seelbeek meerdere Romeinse potten gevonden. In 1907 werden restanten van een middeleeuwse pottenbakkerij gevonden op de plek van de latere nieuwbouw voor de Heveafabriek.
Huis ter Aa
Op deze kaart van Klinkenberg uit 1818 is het eerste "Huis ter Aa, zichtbaar.
Duno

De boerderij 'Huis ter Aa', wordt al genoemd in 1857. Genoemd naar het 'Gat ter Aa, evenals het dal van de Seelbeek. De boerderij is in 1907 gesloopt om plaats te maken voor de Modelboerderij 'Het Huis ter Aa' van J.W.F. Scheffer.
De boerderij heeft volgens Sipman in 1880 de naam van Huis ter Aa.

Huis ter Aa

In 1898 werden het Seelbeekdal en landgoed Duno verkocht aan Willem Scheffer. Hij begon in het dal de modelboerderij het Huis ter Aa. Deze modelboerderij was een ideŽel bedrijf en men zegt dat de koeien in deze modelboerderij beter werden behandeld dan de arbeiders aan het einde van de 19e eeuw.
In 1898 kocht de heer J.W.F. Scheffer De Duno. Ook het landgoed Duno en Kasteel Doorwerth was in handen van Willem Scheffer. Scheffer was een schoonzoon in de Van Houten familie, van de bekende Van Houten cacao. Hij stichtte in 1901 de ‘Modelboerderij Het Huis ter Aa’ langs de Seelbeek. Dit was waarschijnlijk de eerste biologische boerderij van Nederland. Het plan voor een modelboerderij waar melk zo hygiŽnisch geproduceerd werd dat pasteurisatie overbodig zou zijn.

De 80 Friese stamboekkoeien kregen extra gezuiverd bronwater te drinken dat ook nog eens via een installatie gezuiverd werd. Ze aten het sappigste gras en werden dagelijks met de hand gewassen. De wasplaats in het midden van de uiterwaarden is momenteel nog steeds te herkennen. Een stenenvloer van zo'n 3 bij 5 meter en met een ijzeren omheining. De geproduceerde melk was van uitzonderlijke kwaliteit; het productieproces helaas evenredig duur. De wasplaats is in de uiterwaard nu nog terug te vinden.

In de zomer van 1908 werd de modelboerderij uitgebreid. Iets hoger in het dal van de Seelbeek werd de helling geŽgaliseerd voor een groot plateau, waarop een nieuw complex verrees met ruime stallen, een melkfabriek, een elektriciteitscentrale, een kantoor en een verblijf voor de knechten. Er kwam een op de plek van een loswal aan de Bergh-kribbe, een kleine haven aan de Nederrijn.

In 1915 kon Scheffer de verlieslijdende de Modelboerderij van de hand te doen aan Dirk Frans Wilhelmi, oprichter van de Hevea Rubberfabriek.

Huis ter Aa

Huis ter Aa
water filter gebouw
De waterfilterkelder van de voormalige Modelboerderij Huis ter Aa aan de Seelbeek in Heveadorp, om het water van de Seelbeek extra te zuiveren. Gerenoveerd in 2018.

ter Aa

Huis ter Aa
In 1915 verhuisd de Groninger rubberfabriek Hevea van Hoogezand naar Oosterbeek. Uitbreiden mag in Hoogezand niet meer. "Huis ter Aa", te Doorwerth, werd gekocht van  de heer J. Scheffer die zelf op de Duno woonde. In de schuren van de mislukte modelboerderij Huis ter Aa wordt de productie van fietsbanden voortgezet.

Op 5 september 1916 werd de N.V. Vereenigde Nederlandsche Rubberfabrieken opgericht, ontstaan door een fusie van de Firma Wilhelmi & Co. en de Amsterdamse Caoutchoucfabriek, voorheen Pompe & Co.

Apparatuur uit fabrieken Hoogezand en Amsterdam werden naar Doorwerth verhuisd, zodat eind 1918 de productie van rijwielbanden, hakken en zolen en in 1922 die van technische rubberartikelen in Doorwerth waren geconcentreerd.

 In 1920 werken er al bijna 600 mensen, voor het overgrote deel afkomstig van het Groninger platteland. Rondom de fabriek verrijzen tussen 1918 en 1922 in Engelse landstijl opgetrokken huizenblokken, met namen als Java, Sumatra, Madoera, Borneo en Celebes, immers de koloniŽn waar Hevea de rubber vandaan haalde. Wilhelmi, de eigenaar van de fabriek bouwde aanvankelijk 97 woningen: 83 voor de gewone arbeiders en 14 voor het hogere personeel. Een officiŽle naam voor het dorp was er niet, maar in de volksmond werd het al gauw Heveadorp.

De crisis van 1922 en volgende jaren.verhinderde een verdere expansie. ln 1928 heeft een reorganisatie plaats en wordt de heer R.N. Meijer tot directeur benoemt. Kort voor de Tweede Wereldoorlog werkten er ruim 1550 mensen.

Tijdens de WWII werd de fabriek Duits. Geen fietsbanden maar gasmaskers. Met de april-mei staking in 1943 ging ook de Heveafabriek "plat". Zeven medewerkers werden doodgeschoten: Pouwel Dijkstra, Jan Kleefsman, Cornelis Willem Knipscheer, Jacques Mathieu Joseph Quaedvlieg, Henry Charles Munter, Gerrit Peters en Willem George Frederik Weimar. GeŽxecuteerd op de Waterberg bij Arnhem.
Fabriek en dorp kwamen zwaar gehavend uit de slag om Arnhem (1944) te voorschijn, maar dank zij een voorspoedige wederopbouw werkten er in 1951 alweer 1150 mensen.

ln 1962 begon de Heveafabriek de eerste scheurtjes te vertonen na de fusie met het Vredestein concern. Verschillende producties worden door de nieuwe eigenaar naar andere vestigingen overgebracht. Wat overbleef in Heveadorp was weinig winstgevend.

Na de verwoestende brand in 1967 kon het bedrijf zich nog maar nauwelijks staande houden.
Helemaal fout ging het na de overname van Vredestein door de Amerikaanse multinational B. F. Goodrich, die rond 1971 met concurrent Goodyear het gevecht om de markt aanging. In september 1973 doen de eerste geruchten over de sluiting van de fabriek in Heveadorp de ronde.
ln 1971 telde Heveadorp dan nog maar 445 bewoners en in 1977 zelfs nog maar 394. Er bleef niet alleen een verwaarloosde fabriek over, ook de woningen waren verwaarloosd.

  In een poging om Vredestein te redden, neemt de Nederlandse staat in 1975 49 procent van de aandelen van Goodrich over. Bij een nieuwe reorganisatie in 1976-1977 valt het doek definitief voor de Vredestein vestiging in Heveadorp. Er werken dan nog 385 mensen. In 1979 neemt de Nederlandse Staat Vredestein volledig van Goodrich over. Er kwam nog enige jaren een vestiging in Renkum, waarschijnlijk een zoethoudertje.

Wie heeft de kosten betaald om de oude fabriek te ruimen, de gronden te saneren? Wie heeft er verdient aan de vele grote koopwoningen, zonder nieuwe sociale woningbouw. Enkele oude rietkapwoningen werden dankzij het verzet van de bewoners "gered" en zijn huurwoningen gebleven.
Bouw van de dienstwoningen.

Om de arbeiders en kantoormedewerkers dicht bij hun werk te laten wonen nam Wilhelmi in 1916 het initiatief tot de bouw van een fabrieksdorp. Hij kocht twintig hectare grond en gaf de Arnhemse architect Jan Rothuizen opdracht tot het ontwerp van honderdtwintig arbeidershuisjes en drieŽntwintig woningen voor het hogere personeel. Rothuizen koos voor de Engelse cottagestijl idoor de huizen van een rieten dak te voorzien. De huizenblokken werden genoemd naar de eilanden van Nederlands-IndiŽ waar de rubber vandaan kwam: Sumatra, Java, Celebes en Borneo. De vrijstaande woningen voor het kantoorpersoneel kwamen aan de Dunolaan en Rijnlaan te liggen. Na verloop van tijd kwamen er ook twee lagere scholen, winkels, een postkantoor en twee cafťs. Het dorp beschikte over riolering en elektriciteit, hetgeen in die tijd nog een bijzonderheid was. Wilhelmi zag het liefste grote gezinnen naar zijn dorp komen, en dan vooral met dochters want daarvoor hoefde hij zin zijn fabriek het minste te betalen. Zijn echtgenote bepaalde wie waar kwam wonen en tegen welke huurprijs. Die bedroeg minimaal twee gulden per week, maar dat was dan wel inclusief draadomroep die o.a. diende ter verspreiding van bedrijfsmededelingen. Bepaald hoog was de huur niet, maar dat gold ook voor de salarissen die Wilhelmi betaalde en wie stopte met werken bij Hevearubber verloor ook zijn huis. Mevrouw Wilhelmi controleerde zowel binnen als buiten de woning op netheid en om het stroomverbruik te beperken liet ze het licht ’s avonds om negen uur uitschakelen. Dat laatste moest ook garanderen dat de arbeiders de volgende ochtend uitgeslapen op hun werk zouden verschijnen.

De electriciteit werd ook gebruikt voor de grotere dienstwoningen aan de Italiaanseweg.
Heveadorp
pension Huis ter Aa Scheffer bouwt vanaf 1900 voor zijn modelboerderij een stal voor zieke koeien en een knechtenverblijf. Dit knechtenverblijf wordt later het hotel Huis ter Aa.

Het pension - restaurant wordt vanaf 1915 gebruikt om "lager" personeel te huisvesten in de buurt van de Hevea fabriek. In 1918 wordt het een hotel - restaurant.
 Algemeen Dagblad 05-03-1974: "Nog geen rust bij Vredestein van een onzer verslaggevers, ROTTERDAM . Sinds het toenmalig bestuur van Vredestein op 10 april 1970 meedeelde verwikkeld te zijn in een gesprek dat tot doel had een overneming van het bedrijf, is het ťťn groot rumoer geweest om dit rubberbedrijf met circa 5500 personeelsleden in ons land. In de loop van april 1970 werd duidelijk dat de Amerikaanse rubbergiganten Goodyear en Goodrich, waar Vredestein al vele jaren nauw mee samenwerkte in de bandenfabriek in Enschede, knokten om het Nederlandse bedrijf. Goodyear bereikte een overeenkomst met het toenmalige bestuur, maar in een langdurig proces kreeg Goodrich zijn zin: een groot pakket aandelen Vredestein dat bij Goodyear was geplaatst werd niet-stemgerechtigd verklaard door de rechter. Toen Goodrich in april 1971 gelijk kreeg en daarmee ook de macht bij Vredestein werd het oude bestuur er met Amerikaanse voortvarendheid uitgewerkt. Begrijpelijkerwijs ging Goodrich Vredestein zien als een onderdeel van haar bedrijf.

Het begon met het ontslag in september 1971 van 70 man bij het bedrijf in Doetinchem. Begin 1972 volgde werktijdverkorting bij de bedrijven in Raalte en Loosduinen. Bij dat bedrijf werkten toen 670 mensen, nu nog 550. Vorig jaar nam de onrust bij Vredestein weer toe. Verscheidene topfunctionarissen, in 1971 en 1972 door de Amerikanen benoemt, namen hun ontslag. Reorganisaties werden aangekondigd. De vakbonden drongen sterk aan op een duidelijk plan, waar de nieuwe structuur van het concern met het beleid voor de komende jaren in zou moeten staan. Intussen werd de sluiting van een bedrijf in Gent opgeschort tot het rapport over de reorganisatie klaar zou zijn. In vrijwel alle bedrijven van Vredestein heerste vorig jaar verscheidene keren onrust, omdat men ontslagen vreesde".
Tubantia 07-05-1975: "Goodrich investeert 48 mln in Yredestein, Na aanvaarden reorganisatie UTRECHT. — B. F. Goodrich is bereid, de komende twee jaar 48 miljoen gulden te investeren in de Vredesteinbedrijven, als alle betrokkenen de herstructureringsplannen voor Vredestein aanvaarden. Dit is van de zijde van Goodrich-Vredestein meegedeeld. De raad van commissarissen en de raad van bestuur menen, dat het proces van herstructurering bij Goodrich-Vredestein dat in de zomer van 1974 op gang is gebracht, versneld moet worden. Dit zowel in verband met de conjuncturele situatie als met het oog op de gewenste continuÔteit van de Nederlandse Vredestein-bedrijven. De 48 miljoen, die Goodrich nu wil investeren, is 20 miljoen meer dan vrijkomt uit de afschrijvingen. Een nevendoelstelling van de bereidheid tot investeren is volgens Goodrich toegang te verkrijgen tot de kapitaalmarkt (uitgifte van aandelen) en een duurzaam minderheidsaandeel van de B. F. Goodrich Company. Daartoe is het echter noodzakelijk, dat er een winstgevende situatie wordt bereikt. Aan de vakbonden, de centrale ondernemingsraad en de plaatselijke ondernemingsraden alsmede aan alle 5000 werknemers en hun gezinnen is vandaag per brief een herzien actieplan voorgelegd. Dat behelst maatregelen voor democratisch-socialistisch dagblad 04-09-1976de oplossing van de structuurproblemen op langere en van het conjunctuurprobleem op korte termijn. Het structuurplan omvat, aldus Goodrich-Vredestein, als uitgangspunten de samenbundeling van produktielijnen in zelfstandige marktgerichte eenheden. Dit zal een verlies meebrengen van ongeveer 370 arbeidsplaatsen in de loop van dit jaar. De raad van bestuur verwacht dat het merendeel van de arbeidsplaatsen vrij komt door  natuurlijk verloop".
De waarheid 16-04-1976: "Besprekingen Hoewel het gisteren bereikte akkoord tussen de vakbonden en de raad van bestuur Goodrich-Vredestein nog geen definitieve oplossing van het probleem is, ziet het er wel naar uit dat de directie van Goodrich zijn onzalige plannen voor massa-ontslag niet kan doorzetten. Zij heeft nu ingestemd met een wijziging van de zeggenschapsverhoudingen door deelname in het kapitaal van derden, eventueel de overheid, is akkoord gegaan met overleg tussen de raad van bestuur, vakbonden en de overheid over de toekomst van het bedrijf, en is bereid alle ingebrachte suggesties om per vestiging de situatie te bestuderen in overweging te nemen. Het behoud van de werkgelegenheid is daarbij volgens de vakbonden het uitgangspunt. Voorlopig zullen dan ook geen maatregelen genomen kunnen worden waarbij ontslagen vallen of produktielijnen worden stilgelegd of afgestoten. Hoe lang deze situatie zal duren kon men niet zeggen. Op 22 april hebben de industriebonden een gesprek op het ministerie van economische zaken. Daarna zullen de besprekingen tussen de overheid, vakbonden en Goodrichdirectie op gang moeten komen. De industriebonden hebben goede hoop dat de regering bereid zal zijn de meerderheid van de aandelen over te nemen. Goodrich heeft destijds Vredestein voor 81 miljoen gulden gekocht. De intrinsieke waarde van het bedrijf is sindsdien echter sterk achteruit gegaan.
Heveadorp
1976
Heveadorp
1976
Heveadorp
1976
Leeuwarder courant : hoofdblad van Friesland 01-09-1976
"Vestigingen van Vredestein zijn bijna allemaal te koop
DEN HAAG — De Vredestein-vestigingen in Loosduinen, Raalte, Drachten, Heveadorp, Leiden, Ludwigsberg en Detmold zijn te koop. Het Vredestein-bedrijf zal worden samengebundeld in Arnhem (een nieuwe fabriek) en Maastricht. Dat staat te lezen in de intentieverklaring die de regering samen met Goodrich Company heeft opgesteld. Minister Lubbers zal over deze verklaring vandaag een bespreking voeren met de Tweede-Kamercommissie voor economische zaken. Uit de intentieverklaring blijkt dat het totaal aantal arbeidsplaatsen bij Vredestein met niet meer dan 1000 zal dalen. De vestigingen die niet zullen worden gehandhaafd worden te koop aangeboden. Bij deze verkoop dient, aldus de intentieverklaring, het behoud van de werkgelegenheid zoveel mogelijk gewaarborgd te zijn. De bedrijven in Maastricht en Arnhem zullen worden geleid door een driehoofdig bestuur, waarvan ťťn man benoemd wordt door Goodrich. Goodrich zal, aldus de intentieverklaring, vandaag 49 procent van de aandelen aan de staat overdragen. Aan een door de staat aan te wijzen stichting zal 2 procent van de aandelen worden overgedragen tegen betaling van f 1. Bovendien verleent Goodrich aan de stichting een optierecht op de overige aandelen. Doel van deze stichting zal zijn het na reorganisatie handhaven van het interesseren van derden in deelneming aan Vredestein".
Het vrije volk: democratisch-socialistisch dagblad 04-09-1976
"Regering geeft geld voor Vredestein DEN, HAAG - De regering is bereid om de nodige, miljoenen op tafel te leggen voor de reorganisatie van het Vredesteinconcern. De beslissing hierover is gisteren in, de ministerraad genomen. In totaal gaat het om een bedrag van rond de 30 miljoen gulden. Minister Lubbers (economische zaken) wil nu zo snel mogelijk de affaire afronden, gezien het verlies van 1,5 a 2 miljoen gulden dat Vredestein maandelijks lijdt. Premier Den Uyl liet gisteravond na afloop van de ministerraad weten dat definitieve mededelingen, in dit stadium voorbarig zouden zijn gezien de nog voortdurende onderhandelingen met Goodrich. Minister Lubbers, die aanvankelijk zelf iets over de zaak had willen zeggen, zag daar gisteravond op het laatst vanaf. Een moeilijk punt zou vooral nog zijn dat enige garantie van Goodrich moet worden gekregen dat dit Amerikaanse concern na overdracht van de aandelen Vredestein niet gaat beconcurreren met dezelfde produkten".
Trouw 08-09-1976
"In het slop Het zit de vakbonden hoog, dat de minister nog geen stap verder is met het vinden van een nieuwe topleiding voor Vredestein. De nieuwe president-directeur moet in elk geval een Nederlander zijn. De minister wilde gisteren met de vakbondsmensen nog niet over namen praten. De vakbonden vrezen, dat de zaak in het slop raakt doordat een nieuwe topleiding uitblijft. De ruim ƒ 70 miljoen, die Lubbers mag besteden aan Vredestein, is mede voor het kopen door de staat van 49 procent van de Goodrich- Europe-aandelen van het Goodrichconcern. Het bedrag van ƒ70 miljoen raakt de staat alleen kwijt als het hele Vredestein-plan faalt. Als alles gaat lopen zoals gepland, dan is het een investering, aldus Lubbers. De vakbonden zeiden niet te kunnen beoordelen of ƒ 70 miljoen voldoende zal zijn. Zij behouden zich het recht voor bij de regering zonodig voor meer overheidssteun te pleiten".
Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad 07-06-1977
UTRECHT - De Vredestein-fabrieken in Loosduinen bij Den Haag en in Heveadorp gaan definitief dicht. Daarvoor in de plaats komt een nieuwe fabriek in Renkum bij Arnhem. De Industriebonden NVV en NKV en de bonden van hoger personeel hebben zich akkoord verklaard met deze reorganisatie. De komende weken zullen de afdelingsbestuurders van de bonden de plannen met de werknemers doornemen.
Ruim de helft van de 390 werknemers in de Vredesteinvestiging in Loosduinen zal straks werk kunnen krijgen in de nieuwe fabriek in Renkum. Die moet op 1 januari 1980 volledig in gebruik zijn en werk bieden aan 371 mensen. In principe moeten alle mensen die nu nog in de fabriek in Heveadorp werken, terecht kunnen in Renkum. De Industriebonden hebben in het overleg met de Vredesteindirectie over de reorganisaties de garantie gekregen dat het bedrijf in haar divisie IndustriŽle Produkten in 1980 aan tenminste 1100 mensen werk zal geven. Nu zijn dat er nog bijna 1400. Industriebond-bestuurder Jan de Jong spreekt over de eerste arbeidsplaatsenovereenkomst die nu in feite met een bedrijf is gesloten. De 1100 man werken straks voor het merendeel in de bestaande fabriek in Maastricht (600 man), de rest in de nieuw te bouwen fabriek in Renkum en op het hoofdkantoor van het bedrijf".
Limburgsch dagblad  05-10-1978

"
Nieuwe vestiging Vredestein RENKUM - Gedeputeerde Staten van Gelderland handhaven hun verklaring van geen bezwaar voor de bouw van een nieuwe fabriek van Vredestein in Renkum.
De vele mondelinge en schriftelijke bezwaren tegen hun verklaring van geen bezwaar, hebben GS niet van mening veranderd. Het Gelderse provinciale bestuur hecht veel waarde aan de werkgelegenheid, die de nieuwe Vredesteinvestiging in Renkum zal geven. De bezwaren tegen de fabriek vormen onder andere stank en aantasting van het natuurschoon. Ook zou de bouw van de nieuwe fabriek in strijd zijn met het streekplan Midden-Gelderland.
Na 1977 besloot men de He≠ve≠a≠fa≠briek te slopen. Het terrein werd te koop aangeboden voor 10 miljoen gulden. Tien jaar later kochtprojectontwikkelaar Amstelveste het terrein en ontstond de nieuwbouw in Heveadorp
Heveadorp
1979
Heveadorp
NRC Handelsblad 22-08-1981  "Dorp te koop.  Er is een enorm financieringsgat, dat we zelf nooit kunnen opvullen en van de overheid is ook niet veel meer te verwachten. Als we de herstructurering niet kunnen afronden dan zakken we opnieuw terug in de puree en dan kan de werkgelegenheid voor de 1800 man in de divisies Copro en Industrial products wel eens ernstig in gevaar komen. Heveadorp dreigt te verloederen. Jaren is er nauwelijks meer iets gedaan aan het onderhoud de huizen. Bij een hevig onweer vorig jaar de bewoners van de rietenkaphuizen „als gekken" met emmers door de huizen omdat de daken lekten. Een bewoner uit de Centrumlaan: „De laatste keer dat ik ze hier heb zien schilderen was zestien jaar geleden, ze begonnen hier in de Centrumlaan, maar halverwege hielden ze plotseling op en daarna hebben we nooit meer iemand gezien". Na april van dit jaar daalt er een soort lethargie over het dorp neer. De bewoners zijn murw en moegestreden. Vanuit Huis ter Aa, waar de studenten zitten, worden pogingen in het werk gesteld weer wat leven in de brouwerij te brengen. Men organiseert een groot dorpsfeest. Er worden disco-avonden gehouden voor de jongeren. Dan komt, ongeveer twee maanden geleden, de grote ommezwaai. Twee huizen worden door de bewoners verlaten. Onmiddellijk verschijnen er slopers, die de zaak onbewoonbaar maken. De trappen en de vloeren worden eruit gesloopt. „Dat was revolutie op het dorp," herinnert Tuinman van het bewonerscomitť zich. „We dachten: nu halen ze de huizen onder onze kont vandaan. Als dat zo doorgaat wordt het hier een verrotte troep en dat zal niet gebeuren. We houden de huizen open". Er verschenen krakers in het dorp, die door het bewonerscomitť met meer dan gewone welwillendheid werden ontvangen en die volgens de Vredesteindirectie zelfs door Tuinman zouden zijn opgetrommeld. Een van de studenten uit Huis ter Aa: „Het kraken begon 's avonds om vijf uur. Onmiddellijk kwamen de bewoners van het dorp en men begon de huizen op te knappen. Een overbuurvrouw van een van de gekraakte huizen begon gordijntjes te rijgen en de kinderen knipten de heggen. De kratten bier kwamen al snel. Er werd koffie gezet. Het was een compleet dorpsfeest. Toen de politie dreigde de zaak te ontruimen, werd er 's nachts wacht gelopen. Vanaf die dag sloeg men opnieuw aan het smeden van plannen. Plannen. Ze liggen nu ter tafel en ze werden afgelopen donderdag samen met Vredestein en de gemeente voor de eerste keer besproken. Het bewonerscomitť wil dat Vredestein de woningen overdraagt aan een beheersstichting van bewoners, die de huur, die nu tussen de 80 en 110 gulden per maand ligt, toucheert. Met dat geld wil men iets aan het onderhoud gaan doen. Op die manier wil men de periode overbruggen totdat er definitieve plannen komen voor renovatie of nieuwbouw. De bewoners willen ook zelf de woningen gaan toedelen. Over een paar weken bijvoorbeeld zal opoe Jansen haar huisje verlaten. „Dat huis gaan we dan aan een gegadigde van het dorp toewijzen en gegadigden zijn er hier genoeg", aldus Tuinman. De directie van Vredestein ziet de beheersstichting juridisch nog niet zo zitten. Daar heeft men andere plannen. De bewoners van de pannendakenhuizen zijn al benaderd met het verzoek de huizen van Vredestein te kopen voor 60.000 gulden per stuk. Maar dat moet dan wel vrijwel collectief gebeuren. Wat de rietenkaphuizen betreft wil Vredestein in de toekomst afzien van het innen van de huren en met dat geld het onderhoud ter hand nemen. Voor de langere termijn wil men de rietenkapwoningen vervangen door nieuwe woningwetwoningen. Vredestein wil de grond „waarop ze staan, dan tegen wat directeur Zwarts noemt „een uiterst gering bedrag" overdoen aan de gemeente. Verder zijn er plannen om delen van de fabrieksgebouwen op te knappen en tegen „een relatief laag bedrag" te verhuren als opslagruimte. Met al die maatregelen hoopt Vredestein alsnog zo'n 10 miljoen gulden te kunnen innen. Als over bijvoorbeeld vijf jaar, zoals directeur Zwarts vurig hoopt, de markt in de vrije sector weer zal zijn aangetrokken, zal er misschien een nieuwe koper op de kust verschijnen. Die heerlijke kust langs de Nederrijn, waar mensen wonen, die voor het voortbestaan van hun dorp vechten. Orsel: „Heveadorp is en blijft Heveadorp. Er zijn wel eens mensen, die zeggen dat Heveadorp niet bestaat en dat het eigenlijk Doorwerth is, maar die vraag ik dan altijd hoe het dan komt dat op alle wegen hierheen ANWB-borden staan met de aanduiding Heveadorp. Het is een machtig dorp, voor geen geld wil ik hier weg". Hij kijkt vastberaden voor zich uit. Op zo'n moment daalt weer de stugheid van de Groninger over hem heen. De gemeente Renkum en Vredestein zijn nog lang niet klaar met „het fijnste plekje op deze aarde".
De Telegraaf 04-02-1984
"In het begin van deze eeuw werd Heveadorp door een rubberfabrikant gebouwd. Het kreeg een eigen school en winkels en het was er goed wonen aan de rand van dit fraaie gedeelte van de Veluwezoom. Na de oorlog ging het slecht in de rubberindustrie. Het complex werd meerdere malen verkocht. Vredestein werd tenslotte eigenaar, maar nadat die in Renkum een nieuwe fabriek had gebouwd verpauperde de oude fabriek en werd het doelwit van vandalen. De fabriek is nu gesloopt en het kantoorgebouw gaat binnenkort tegen de grond. De huizen raakten in slechte staat, werden dichtgetimmerd of gekraakt. Projektontwikkelaar Bisschop: „Wij durven nu wel een nieuw plan voor Heveadorp op te zetten. De tijd heeft, voor ons gewerkt. De verkopers wilden vroeger alleen maar zoveel mogelijk geld voor de grond en opstallen hebben. Door het instorten van de woningmarkt zijn die speculaties echter voorbij. In het contract met Vredestein hebben we als ontbindende voorwaarde opgenomen dat de 47 cottage-huisjes moesten blijven bestaan. Die zijn juist karakteristiek voor Heveadorp. In het midden ligt een groot zandplateau waarop de rubberfabriek heeft gestaan. Dat graven we weer af tot op net niveau van vroeger. Dat de bodem daarna extra nauwkeurig op schadelijke stoffen wordt bekeken, laat zich raden."

Heveaadorp
Heveadorp
1982
Heveadorp Heveadorp
"De provincie is ook nog bij Heveadorp betrokken via een bijdrage van drie miljoen gulden aan de projectontwikkelaar, alleen uit te keren indien behalve luxe woningen ook woningwetwoningen worden neergezet. Als alles te lang gaat duren komt behalve van renovatie van een aantal voormalige beambtenwoningen met rieten dak in Engelse cottage-stijl, ook niets terecht van het vernieuwen van riolering en bestrating door Amstelveste".  De Volkskrant 26-01-1985
Heveadorp
Wie weet waar de Berglaan in Heveadorp te vinden is?
Na de WWII  is de Berglaan vervangen door de Ingenieur Munterlaan.
 Hevadorp
Heveadorp.nl
voor bewoners Ťn bezoekers van Heveadorp

Citaat van Heveadorp.nl:
"Om de bouw van een nieuwe fabriek in Renkum te financieren moest Heveadorp, nagenoeg geheel eigendom  van Vredestein, worden verkocht. Daarbij speelden veel belangen. Vredestein wilde dat het dorp veel geld opbracht, gesproken werd van een bedrag van 25 miljoen gulden. De bijna 400 bewoners van het dorp wilden dat hun huizen werden opgeknapt en dat de huren redelijk bleven. En natuurlijk werd ook aan het belang van de mooie natuur rondom het dorp veel waarde gehecht. In december 1977 stelde de gemeente Renkum een nieuw bestemmingplan vast waarin de bouw van 290 nieuwe woningen mogelijk werd gemaakt. Naar aanleiding van veel bezwaren werd dit bestemmingsplan in 1979 door de provincie op een aantal punten aangepast en eind 1980 oordeelde de Raad van State dat er nog wat extra aanpassingen moesten plaatsvinden. De beoogde projectontwikkelaar trok zich vervolgens terug, deels vanwege de vereiste aanpassingen aan haar plannen, maar ook omdat de woningmarkt minder gunstig was dan drie jaar daarvoor.
Daarmee werd de toekomst van het dorp weer onzeker. Toen in juni 1981 twee huizen aan de Centrumlaan leeg kwamen, besloot Vredestein ze niet opnieuw te verhuren, maar onbewoonbaar te maken door onder meer de trappen te slopen. De trappen werden door dorpsbewoners echter weer uit de afvalcontainer gehaald, zo goed als mogelijk teruggeplaatst en de huizen werden gekraakt. Dit gebeurde met meer huizen omdat de Heveanen afbraak van hun dorp koste wat kost wilden voorkomen. In de jaren daarna werd onder grote druk gezocht naar mogelijkheden en subsidies om de rietenkapwoningen te renoveren zonder dat de huurprijs te veel zou stijgen. Deze waren ondertussen zo erg vervallen dat regenbuien in 1983 op grote schaal tot lekkages en kortsluiting leidden. Toch werd een oplossing gevonden. In 1985 werden de rietenkapwoningen verkocht aan de Centrale Woningstichting, gerenoveerd en voor de sociale huur bestemd. Op de plaats van de fabriek  kwamen ongeveer 200 woningen in verschillende prijsklassen en uiteindelijk leverde het dorp Vredestein slechts 6 miljoen gulden op. De fabrieksgebouwen waren al gesloopt en in 1985 werd het plateau waarop de bovenfabriek was gebouwd afgegraven. Heel stabiel was de grond nog niet en de eerste jaren zorgden regenbuien er nog regelmatig voor dat delen van tuinen wegspoelden en bij de lagergelegen woningen terecht kwamen. Veel gezinnen van elders trokken in de nieuwbouwwoningen en het nieuwe Heveadorp werd een woondorp, zonder winkels of scholen. Er bleven dorpsverenigingen bestaan al is er altijd een onderscheid gebleven tussen het oude, rietgedekte dorp met de sociale huurwoningen en de nieuwgebouwde koopwoningen. De status van Heveadorp als zelfstandig dorp werd in 2010 bevestigd toen het niet langer onder de postcode voor Doorwerth viel, maar een eigen postcode kreeg. Zo heeft Heveadorp een tweede leven gekregen, ditmaal zonder rokende schoorsteen".
Folow the money.

Heeft de gemeente betaald voor het bouwrijp maken van de uitbreidingen van modelboerderij naar rubberfabriek?
Wat heeft de overheid betaald voor de aandelen van Goodrich? En voor Vredestein?
Wat heeft de gemeente betaald voor de verhuizing naar Renkum?
Wat is er aan uitkeringen betaald voor werkeloos personeel?
Hoeveel is er betaald voor het slopen van de fabriek in Heveadorp?
Hoeveel is er betaald voor het gedeeltelijk slopen en bouwrijp maken van Heveadorp?
Wie heeft er betaald en hoeveel voor het up to date brengen van de overgebleven rietkapwoningen?
Wie heeft er grandioos verdiend aan de nieuwbouw in Heveadorp in de jaren 1985 - 1989?
Wat heeft de gemeente betaald voor het slopen van de fabriek aan de Beukenlaan?
Wie heeft die minstens 36 miljoen betaald voor het creŽren van de "Renkums poort"?

Zijn er nog andere kosten in de route van fabriek naar wonen en natuur?
Links

BAG

Heveadorp.nl

Boerderijen

Fabriekofiel

Bestemmingsplan 2012

Duno
Boeken:

De dood van rubber.

M.A. Sipman: Arnhem en omstreken, twaalf stadsgezichten, met bijschriften; 1880; uitgever H.W. van Marle, Arnhem

De Fonteinallee herleeft; Cees Gerritsen; 2007, uitgever Kontrast Oosterbeek.