Tehuizen Hans Braakhuis

 september 2022
Adriani's Sanatorium, Rust- en Herstellingsoord, Paul Krugerweg,  Oosterbeek

DHN. Busch Adriani wordt hier genoemd omdat hij als medicus verbonden is geweest aan meerdere centra voor hulp aan zenuwzwakken en hulpbehoevenden.

Derk Hendrik Nicolaus Adriani; (3 maart 1859 - 11 augustus 1929), gehuwd met Elizabeth Maria van der Goot.
Derk Hendrik Nicolaus Adriani was ook de directeur van het Zander instituut in Arnhem. Hij woont aan de Paul Krugerweg D 173 in Oosterbeek. In 1901 laat Adriani zich niet kiezen voor de gemeenteraad, te ziekelijk.

Johan Marcus Busch Adriani, (10-06-1865 - 10-03-1928)
Het is me niet duidelijk waarom er soms alleen de naam Adriani en soms Busch Adriani gebruikt wordt.
In 1913 woont Johan Marcus Adriani op de Utrechtsche straat B 4 in Oosterbeek. Idem in 1920. Of te wel de villa Merlet, ten oosten van Hotel Schoonoord.
 In 1910 staat er in de telefoonlijst: Busch Adriani, Dr. J. M., Geneesheer, Utrechtschestr. E 408, Oosterbeek. En vanaf 1927 Utrechtsestr. 104 Oosterbeek.
In 1930 woont de weduwe Dedina Jantina Adriani - Buzeman, Utrechtseweg 32 Oosterbeek
Johan Marcus Busch Adriani, destijds de behandelend geneesheer van villa Antigone en ‘t Hemeldal aan de Kneppelhoutweg. De dokter verlaat Warffum als jong huisarts in oktober 1897 en vestigt zich in Oosterbeek. Hij trekt in bij zijn achterneef Derk Hendrik Nicolaus Adriani en neemt diens huisartsenpraktijk over. Hij was in Oosterbeek huisarts tot zijn overlijden in 1928. Hij is 63 jaar geworden. Naast zijn werk was hij o.a. consul van de A.N.W.B. en was hij in 1901 betrokken bij de oprichting van een waterleidingmaatschappij. In 1910 secretaris van de wijkverpleging Oosterbeek.

In 1897 kopen Dr. Derk Hendrik Nicolaas Adriani uit Oosterbeek en Hendrik Jan van der Goot (2e officier bij West Indische Maildienst) de boerderij op de Buunderkamp in Wolfheze en in 1902
wordt hier een klein pension met de heer Johannes Smit, een oud-zendeling, als exploitant. In 1904 laat Dr. Adriani de Buunderkamp het inrichten als Rust- en Herstellingsoord.

Adriani
1897

Neem aan dat dhr DHN Adriani zelf een inrichting bestierde aan de Krugerweg en als arts verbonden aan de Inrichting tot verplegen van Zenuwlijderessen.

 "Het Tehuis voor Zenuwlijders, Paul Krugerweg, OOSTERBEEK, wordt uitgebreid, zoodat tegen 15 Augustus eenige Zenuwzieken plaatsing kunnen vinden tegen billijke condities. Dr. VEENENBOS, Consulteerend Geneesheer. Mevr. VOERMAN, Directrice". Vox Medicorum 1902
Adriani
1904

Adriani
1905
Hier zien we mej. S. Genis samenwerken met dr. Busch Adriani. J.M. Busch Adriani is overleden in 1928.
Villa Anna, Nieuweweg Renkum

Meer te lezen over de villa Anna in het boek over de Nieuweweg Renkum.

Een dependance van het Herstellingsoord Renkum.
Villa Anna
sanatorium Bato's wijk, Oosterbeek

Is bij plannen gebleven. Meer over Bato's wijk bij landgoederen.

Omtrent de stichting van een sanatorium voor zenuwlijders op Batos Wijk te Oosterbeek vernemen wij nader. Dr. J. L. Dobberke, geheesheer-directeur van het krankzinnigengesticht Endegeest, (Leiden), zal als geneesheer-directeur optreden en de heeren J. A. Voorhoeve en C. N. Van Goor, architecten te Rotterdam, met den directeur zullen zorgen voor de stichting en de inrichting der gebouwen.
Bato's wijk
Villa Bato's Zicht, Benedendorpsweg 84, Oosterbeek.
In 1873 is er op kavel D2063 de Stichting Rust en vakantie.

De BAG geeft 1925 als zijnde oorspronkelijk bouwjaar.

Een gemeentelijk monument uit 1885.

Bato's Zicht Oosterbeek
Bato's Zicht
Voormalig bejaardenhuis het Beekdal, Utrechtseweg 60, Heelsum
Later verpleeghuis, later zorgcentrum, tegenwoordig een woonzorgcentrum van Vilente

Op de oudere locatie Aan de Beek 1, het voormalige Vakantie Kindertehuis aan de Beek, zie aldaar.

vakantiehuis
In 1938 ligt het kinderhuis nog ver van de Utrechtserweg op kavel 1714 Uitsnede van Rkm C 2509.

De bouw van het verzorgingshuis door de Stichting Katholiek Bejaardenhuis Deus Procidebit 'Beekdal', was in de jaren van 1961 tot 1968.

De zusters van de congragatie verbleven van 1947 tot begin 1967 in Stella Duce in Doorwerth.
De congregatie (Oblaten van O.L. Vrouw Assumptie ) had zich in 1967 uit Stella Duce in Doorwerth teruggetrokken om in Heelsum het nieuwe bejaardenhuis Het Beekdal te leiden. De zusters bewoonden een aparte vleugel van het gebouw. In 1975 verhuisden enkele zusters naar Oosterbeek om het werken en wonen te scheiden. Hun plaats in Heelsum werd ingenomen door bejaarde medezusters, waardoor Heelsum de bejaarden-communiteit van de congregatie in Nederland werd. Gebruikte literatuur: Zuster AngŤle, "Een stukje geschiedenis van de Zusters Oblaten van de Assumptie-missiezusters. Een klein stekje geplant door de Oblaten van NÓmes op Nederlandse bodem"


Beekdal Heelsum

Aan de westzijde van Beekdal ligt het appartementencomplex 'de Koningshof'. Aan de oostelijke zijde van Beekdal zijn meerdere woningen, met daarachter, tot aan de beek, een volkstuincomplex.

Er kwam een complete nieuwbouw in de jaren 2016 - 2019.

Beekdal Heelsum

De parkeerplaats Aan de Beek lijkt wel veel op de oudere kavel van het Vakantie Kindertehuis Aan de Beek.
Bio Herstellingsoord. Wekeromseweg Renkum ????

tegenwoordig Bio Vakantieoord in Arnhem
Bio herstellingsoord
Villa Bosch en Heide Nieuweweg 3, later 5 te Renkum

Bosch en Heide

De Villa Bosch en Heide was voorheen de r.k. Meisjesschool van de Wijck Conijn Stichting. Anno 1999 is het een studentenhuis.

De nieuwe eigenaar van het gebouw in een woonbuurt aan de westelijke rand van het centrum biedt sinds eind januari kamers te huur aan. Dit tot ongenoegen van de buurtbewoners. Volgens hen staat het bestemmingsplan niet toe dat er meer dan een gezin in het gebouw woont. In de villa zijn in totaal zestien kamers. Het Renkumse college van burgemeester en wethouders onderzoekt de zaak. B en W zeggen 'over enkele weken' een besluit te zullen nemen. Renkum wees vorig jaar een aanvraag van het bedrijf Van Rooij uit Hedel voor een Polenpension in de villa resoluut van de hand. Volgens een woordvoerder ligt deze zaak echter ingewikkelder.
Uit: https://www.gelderlander.nl/arnhem/opnieuw-ophef-villa-nieuweweg~accc5da7/ van 25-03-2009.

Een ruimere beschrijving is te vinden in de HGR publicatie over alle woningen aan de Nieuweweg te Renkum

Bosch en Heide
Renkum Villa Bosch en Heide

Bosch en Heide
Voormalig Herstellingsoord voor longlijders Boschlust, Nieuwen Stationsweg, Oosterbeek
De Nieuwen Stationsweg is tegenwoordig de Steijnweg en Karel van Gelderlaan.

Het herstellingsoord voor minvermogenden Boschlust te Oosterbeek, dat de voortzetting is van het op 1 Juni van het vorige jaar geopende herstellingsoord te Ermeloo op de Veluwe, neemt voortaan uitsluitend mannelijke longlijders op, die in het begin-stadium der ziekte verkeeren. Er is gelegenheid tot opneming van 16 patiŽnten.(1905)

Boschlust
Boschlust
Boschlust

"Herstellingsoord voor beginnende longlyders te Oosterbeek.
Het bestuur van het Herstellingsoord, aanvankelijk te Ermelo op de Veluwe opgericht met het doel minvermogende herstellenden op te nemen, zag zich door vele aanvragen voor lijders aan tuberculose genoopt de aard der inrichting eenigszins te wijzigen en het voortaan alleen open te stellen voor beginnende longlijders.
Tegelijk met de verplaatsing der inrichting naar Oosterbeek werd met dezen maatregel een aanvang gemaakt. De verplaatsing der inrichting naar Oosterbeek was ook werkelijk eene verbetering. Niet alleen was hier de huisvesting ruimer en geriefelijker, doch ook de fraaie wandelingen in deze plaats kwamen den patiŽnten ten goede.
Er werd een lighal geplaatst waardoor de patiŽnten in de gelegenheid werden gesteld ook met ongunstig weer buiten te liggen. Het geregeld medisch toezicht werd waargenomen door den WelEd. Zeer gel. Heer Dr. J. M. Busch-Adriani, wien een woord van waardeering en dank in dit verslag zeker niet mag onthouden worden voor de toewijding, waarmede Z.Ed. Zeergel. steeds de patiŽnten behandelde.
Ofschoon het Herstellingsoord nog maar een zeer bescheiden plaats onder de Sanatoria inneemt, en men er niet het comfort aantreft, wat in andere inrichtingen van dien aard het geval is, kunnen wij toch met zeer veel voldoening terugzien op de verkregen resultaten.
De meeste bedden waren bezet in de zomer 1905. Nog altijd schijnt het idťť om tegen den zomer patiŽnten naar buiten te zenden, meer ingang te vinden, terwijl ook hier wederom gebleken is, dat de resultaten, des winters verkregen, nog iets beter zijn dan zomers.
Het blijkt, dat ook deze inrichting, op bescheiden schaal, ofschoon nog in haar begin, een werkzaam aandeel heeft in de bestrijding der tuberculose temeer waar het dikwijls voorkomt dat de patiŽnt ůf wegens plaatsgebrek Ųf om de hooge kosten niet in de Sanatoria kan worden opgenomen en alzoo verstoken blijft van de voor hem zoo onmisbare hygiŽnische levenswijze en rustkuur.
Verpleegkosten in het Herstellingsoord zijn f1.25 per dag" Uit Vox Medicorum 1906.

Boschlust

Boschlust
1905

Boschlust
1905

"Het herstellingsoord voor minvermogenden Boschlust te Oosterbeek, dat de voortzetting is van het op 1 Juni van het vorig jaar geopende herstellingsoord te Ermeloo op de Veluwe, neemt voortaan uitsluitend mannelijke longlijders op, die in het begin-stadium der ziekte verkeeren. Er is gelegenheid tot opneming van 46 patiŽnten". Uit De Maasbode 11-05-1905 TYPO 46 moet 16 zijn.

"Herstellingsoord „Boschlust”, Oosterbeek. Het Herstellingsoord, dat ook 's winters geopend blijft, en waar thans voor een paar personen gelegenheid bestaat opgenomen te worden, is gelegen aan den. Nieuwen Stationsweg te Oosterbeek (Hoog) op 15 minuten afstand van het station Oosterbeek (Hoog) en op 5 minuten van de halte der Ooster-stoomtram (Arnhem—Driebergen). Het biedt gelegenheid tot opneming van 16 patiŽnten. Beneden is een ruime suite beschikbaar voor bet- en zitkamer, boven groote slaapkamers met balkon, elk voor 4 patiŽnten. In den tuin bevindt zich een lighal, waarin de patiŽnten bij elke weersgesteldheid buiten kunnen liggen. Er worden alleen mannelijke personen opgenomen, die in het eerste stadium van loogtuberculose verkeeren. Opneming kan alleen geschieden na toezending van een attest, hetwelk moet worden ingevuld door den huisdokter van den patiŽnt. Formulieren voor dit attest worden door den directeur der inrichting, franco aan belanghebbenden toegezonden. Bedlegerige patiŽnten worden niet opgenomen. De verplegingskosten zijn bepaald op f 1,25 per dag. leder patiŽnt ontvangt hij aankomst een ligstoel en mag deze niet verwisselen, dan met goedvinden van den directeur. De maaltijden bestaan uit: 8 uur: ontbijt met brood (wit-, bruin- en roggebrood), boter, een ei, thee en een glas melk. 11 uur: een glas melk. 1 uur: middagmaal. Groente, vleesch, aardappelen en meelspijs. 5 uur: brood met kaas of een ei, thee en een glas melk. 8 uur: pap. Aanvragen tot plaatsing moeten gericht worden tot den directeur, J. J. Caenen, Boschlust, Oosterbeek, die gaarne bereid is alle inlichtingen te geven. Het comitť van toezicht over het Herstellingsoord bestaat uit de dames: mej. A. U. Manden, adj .-directrice Gemeente-Ziekenhuis; jhvr. H. v. Panthaleon v. Eek, Bezuidenhout; mej. Ph. Snethlage, Van Blankenburgstraat 22, allen Den Haag." Uit Het vaderland 29-11-1905


Boschlust
1906

"DRINGEND VERZOEK, Ondergeteekende, die gedurende 4 jaren het Herstellingsoord voor minvermogende Tuberculoselijders te Oosterbeek geheel voor eigen rekening exploiteerde, ziet zich door voortdurend te gering aantal patiŽnten en te weinig medewerking genoodzaakt zijne zoo nuttige instelling 15 April aanst. op te heffen. Daar hij door deze omstandigheid, geheel buiten zijn schuld, dan zonder middel van bestaan komt, vraagt hij wie genegen of in staat zou zijn, hem en zijn gezin te helpen door hem een betrekking te bezorgen. Prima referentiŽn staan hem ten dienste. J. J. COENEN, (4982) „Boschlust”, Oosterbeek". Uit Het Vaderland 17 3 1908
Voormalig Huize Boschrust, destijds aan de Hartenseweg 23, Renkum. Ouder adres: Boschrust A 244 / Harten A 244

Andere latere namen: Vakantie kinderhuis en Anna Maria Lentinckhuis.

Het per 1 Mei 1902 geopende herstellingsoord „Boschrust", dat sinds geruimen tijd door de vele aanvragen te klein bleek te zijn, is op twee minuten afstands vervangen door een nieuw en grooter gebouw, geheel naar de eischen des tijds ingericht, aan drie zijden omgeven door veranda's en balcons. Uit Nederlands tijdschrift voor geneeskunde 1909.

Boschrust
Uit het  Verslag van de Staatscommissie ingesteld bij Koninklijk Besluit van 3 Juli 1918 no. 25 blijkt dat Boschrust al in 1905 in Renkum genoemd wordt. Sanatorium Renkum is tegenwoordig bekend als Oranje Nassau Oord.

In de jaren 1904 - 1905 zijn er vele advertenties van Boschrust te vinden:
Huize Boschrust Renkum in 1904
advertentie uit Het nieuws van den dag: kleine courant, 22-04-1904


Dr. Kersten komen we in de Wagenigsche Courant van 1896 tegen als arts te Renkum. Rond 1904 verhuisd hij naar Heelsum.

Boschlust
Boschrust heet soms Boschlust.

Ik ken zelf wel het Sanatorium voor zenuwlijders Boschrust aan de Loolaan in Apeldoorn, geopend rond 1900 en als sanatorium gesloten rond 1973. Heb er gewerkt in de jaren 1978 - 1982 en kwam er daarna regelmatig tot 2000. Het was toen een soort AZC.

Boschrust
Deze foto is gevonden bij de Gelderse Beeldbank. Is dit een eerste versie van Boschrust, of een foutje? De rondingen boven de ramen zien we later niet meer terug.

Blijft de vraag: waar was het sanatorium Boschrust in Renkum voor 1910?

Kersten
Wageningsche courant 20-3-1907

Het nieuwe Boschrust is gebouwd door de huisarts dr. Willem Kersten, die in 1907 (?) een perceel bos koopt aan de Hartenseweg van de familie Beels-Schimmelpenninck.

Boschrust
Een ansicht met de naam Boschrust duidelijk zichtbaar.


Boschrust Renkum
opname uit 1909, opnieuw is de naam Boschrust duidelijk zichtbaar.

Bij het Kadaster verschijnt met dienstjaar 1911 een eerste kaart (B1085) waar Boschrust op staat. In dienstjaar 1908 laat een oudere kaart B1070 een lege kavel zien.

Boschrust
Deze veldwerkkaart B1085 met dienstjaar 1911 geeft de functie aan: een sanatorium

Het kadaster zal dus duidelijk zijn. Dienstjaar 1911 betekend dat het gebouw is klaar gekomen in 1910 en volgens Demoed (De Westelijke Veluwezoom in oude ansichten) in het vanaf 1909 gebouwd als een  herstellingsoord voor longlijders, en genaamd "Boschrust". Vanaf 1910 laat de heer Kersten advertenties in de  Wageningsche courant verschijnen waarin hij percelen dennen te koop aanbiedt.

De Amsterdamse Vereniging Vacantie Kinderfeest (VKF) begint in 1905. Een groep Amsterdamse onderwijzers neemt dan het initiatief om Amsterdamse bleekneusjes eerst ťťn dag, later drie dagen op vakantie te sturen.

In 1907 verschijnt ook deze oproep: "Helpt ons, ze ťťn dag maar ta laten genieten van de altijd wonderheerlijke natuur in bosch en duin, op hei en strand. We vragen niet veel en.... een kind is gauw gelukkig." Reeds heeft de Amslerdamache Gemeenteraad f. 500 subsidie toegestaan". In het  Algemeen Handelsblad van 08-06-1907

Nadat Sanatorium “Boschrust” werd gesloten en dus leeg kwam, heeft de Gemeente Amsterdam het gekocht voor het Amsterdamse Kinder-Vacantiefeest, om daar een vakantie kinderhuis te beginnen. Het gaat opnieuw open op 21 april 1927. Het pand biedt plaats aan  65 kinderen.
"HET VACANTIE-KINDERFEEST. Het Tweede Kinderhuis geopend. Gistermiddag waren in het oude „Boschrust" aan den Hartenscheweg te Renkum een groot aantal genoodigden van de afd. Amsterdam van den Bond van Ned. Onderwijzers bijeen om de overdracht van het tweede Vacantie-Kinderhuis bij te wonen. De voorzitter der ontvang-commissie, de heer G.A. Aalderink, heette de aanwezigen welkom en gaf het woord aan den voorzitter van de afd. Amsterdam van den B.. v. N.0.A. Hollaar, die in korte trekken de geschiedenis van het drie-daagsche V. K. F. van 16 Mei 1925 te Nunspeet tot heden vertelde. Als a.s. Maandag ook dit huis in gebruik genomen wordt, zullen in 1927 — 160 hoogste klassen drie dagen naar buiten worden gebracht. Dat in zoon korten tijd dit mooie werk zoon vlucht heeft genomen, is voor een groot deel te danken aan de Commissie voor het V. K. F., maar ook aan den steun van verscheidene personen, die het V. K. F. zoo van harte zijn toegedaan. Onder de zeer vele sprekers was o.a. de wethouder voor het onderwijs, E d. Polak namens het gemeentebestuur, die hulde bracht aan voorzitter en secretaris van het V. K. F., de heeren A. Pols en J. W. Roskam. Vele telegrammen en bloemstukken waren ingekomen. Tenslotte werd een rondgang gemaakt door het huis, dat plaats biedt voor 65 kinderen en over het terrein, dat o.a. 19.000 m 2 bosch omvat". Uit het  Algemeen Handelsblad van 22-04-1927

Vader en moeder Cramm werden rond 1927 de nieuwe beheerders. Hun zoon Charles was toen ongeveer 8 jaar en naar hem is later in Renkum een straat genoemd, de Charles Crammweg.

W. Kersten (1866 - 1933) was gehuwd met  A.H. Kersten-Westerman (1869 - 1955). Kersten is in 1929 van zijn woning aan de Utrechtseweg 47, Renkum naar Heemstede verhuisd.

vakantie kinderhuis
kadasterkaart met dienstjaar 1933. Het kinderhuis heeft hier nog geen vleugel aan de linker- achterkant. Vanaf 1960 verschijnt die zijvleugel.

St Vakantie Kinderfeest

Vakantie Kinderhuis Renkum
Vacantie-Kinderfeest Renkum, later bekend als het Anna Maria Lentinckhuis.

In 1939 ontvangt de afdeling Amsterdam van den Bond van Ned. Onderwijzers een erfenis van de heer Lentick, met de bepaling dat het huis naar zijn in 1936 overleden echtgenote het „Anna Maria Lentinkhuis" moet worden genoemd.

De familie Cramm heeft tot eind 1959 het beheer gedaan en daarna de fam. Gademan.

Vankantie kinderhuis
Ansicht gelopen in 1972. Te zien is dat het leeg staat.

vakantie kinderhuis
kadasterkaart met dienstjaar 1977.

Vakantie kinderhuis
kadasterkaartmet dienstjaar 1990. Het oude Vankantie kinderhuis is nog te zien. In rood (stichting van een nieuw pand) verschijnt het latere Campman met een dienstwoning.

De Stichting Heemkunde Renkum heeft een uitgebreid verhaal over het Lentinckhuis op haar website staan. En hier hun verhaal over Boschrust.
Helaas, niets over de periode 1901 - 1909

Tegenwoordig staat er restaurant Campman II.
Herenhuis Buitenrust, Benedendorpsweg 171-171a, Oosterbeek

Van de Nederlandsche Bond voor Ziekenverpleging, gevestigd te Amsterdam, het Vacantie- en Herstellingsoord „Villa Buitenrust”, te Oosterbeek.
Buitenrust is een korte periode een zusterhuis geweest. Lees meer bij Bijzondere huizen, e.a.
Herstellingsoord de Buunderkamp, Wolfheze

Lees hier meer over dit herstellingsoord en de Buunderkamp.


"Op het landgoed „De Buunderkamp", te Renkum, eigendom van den Heer, Dr. D. H. N. Adriani, te Oosterbeek, zal eerlang geopend worden het Rust- en Herstellingsoord „De Buunderkamp" voor zieken, zwakken rustbehoevenden en herstellenden, uitsluitend door middel van licht, lucht, water, beweging, rust, dieet enz. Door ongesteldheid en langdurige afwezigheid van den eigenaar is de uitvoering van het plan, dat reeds eenigen tijd bestond vertraagd geworden, zoodat dezen zomer slechts een zeer beperkt getal patiŽnten kan worden opgenomen. Het volgende jaar hoopt men aan de inrichting de noodige uitbreiding te geven." Uit Het nieuws van den dag 21-07-1903
De dames-kostschool aan de de Dorpsstraat 67 (oud adres) Renkum
Dorpsstraat 83 - 85, (oud adres)

dames kostschool
Bij Manasse kun je er een ansichtkaart van kopen. 

In 1866 opent er een Dames-Kostschool (Inrigting voor opvoeding en onderwijs) in Renkum. Zelf ken ik het pand nog dat er een Albert Hein winkel was, tegenwoordig een Hema.

"De villa's Dorpsstraat 83-85 van de fam. Ploem, waarin mej. Ploem later haar kostschool hield (in 1913 tot dubbel winkelhuis verbouwd)". Demoed pagina 229

"In 1862 was het pand van de heer Ploem en werd het bewoond door de heer Muntendam. Hij bewoonde het hele huis. In 1870 woonde bakker Geerkema hier. In 1876 gaar het huis over in het bezit van de heer Van de Goot, die zeer rijk was. Hij woonde daar met zijn zusters en daarna had mej. Meindersma er een dameskostschool. Uiteindelijk wordt het verkocht aan Beekhuizen en Corton. (Cees Burgsteyn: De langs de woning gelegen diepe steeg voerde naar het cafť 'De Groene Jager', dat van dezelfde eigenaar was als die van de kapsalon. Na de verbouwing tot woning van de kostschool hebben hier nog jaren de dames Bekkering gewoond.") Uit : Huizen in Renkum, studie van den Born, HGR 2005

De plaatselijke Schoolcommissie van Renkum en Oosterbeek wil graag verklaren dat het Instituut van mejuffrouw A. M. M. Brouwer alle aanbeveling verdient. In 1864 opende zij al een "une maison dťducation a Baarn". In 1875 vertrekt mw. Brouwer met de gehele kostschool naar 't Buiten, voorheen het oude Kromhout te Brummen.

kostschool van eerst de dames Ploem en daarna mej. L.T. Meindersma.

"De dameskostschool was in die jaren blijkbaar goed bezet. Boven de woning van de fam. Hurkmans had men een overdekte loopbrug, die beide panden met elkaar verbond, zodat men ook de bovenverdieping van dit pand kon gebruiken. In 1912 is de kostschool verplaatst naar Heelsum. De nieuwe eigenaren lieten het pand toen verbouwen tot twee afzonderlijke panden. In 1913 betrok de fam. Beekhuizen het linker gedeelte en had daar een meubelmakerij en een galanteriewinkel. Het rechter gedeelte werd door de fam. Corton betrokken". Heemkunde 1993 nr 2
Naast het winkeltje van de dames van de Helm stond dan de "Dameskostschool". Hier werden in die jaren de dochters van de welgestelden, toevertrouwd aan de dames Ploem en Meinersma. Deze kostschool had een goede naam, en dat niet alleen bij de ouders, maar ook bij de studenten uit de naburige landbouwstad Wageningen. Want na een uitbundig bierfeest, wilden deze wel eens een poging ondernemen om de kostschool binnen te dringen, om wat meer aandacht aan een jonge schone te wijden. Of dit ze ooit in werkelijkheid gelukt is, vermeld de geschiedenis niet. Zeker is wel, dat de kostschool in die jaren goed floreerde, want het toch al ruime pand werd al spoedig te klein, zodat men ook de bovenverdieping van het naburige pand hiervoor ging benutten. Om dit te kunnen realiseren, had men hiertoe over de tussengelegen steeg een loopbrug gebouwd. Deze bovenverdieping was gelegen boven de toenmalige slijterij annex winkel voor koloniale waren, van de firma Hurkmans. Na het verhuizen van de dameskostschool in 1910, was in bedoelde bovenverdieping gedurende enige tijd een zogenaamde HerensociŽteit gevestigd" Uit Bomen over Renkum, Cees Burgsteyn; 2002

Wes Beekhuizen; Groen was mijn dorp; 1973: "Naast huize van der Helm rees een hoog, gaaf pand op, waarin tot omstreeks 1905 een kostschool gevestigd was geweest. Deze school voor meisjes heb ik dus niet als zodanig in gebruik gezien maar oude Renkumers wisten er wel het een en ander van te vertellen. De dames Ploem en Meinersma hebben daar de scepter gezwaaid over de dochters van welgestelde landgenoten en het was er niet altijd even rustig. Wageningen bezat in die dagen nog geen Hogeschool maar er was wel een landbouwschool en de studenten daarvan brachten tijdens hun jaarlijkse rijjool graag een bezoek aan Renkum om de lieftallige meisjes van de kostschool te begroeten. De ondernemende jongelui probeerden dan via de voor- of achterzijde het gebouw binnen te dringen maar de directrice en de dienstmaagden stelden zich heftig te weer tegen die snode plannen.

"Zelfs in de Dorpsstraat mestten in die dagen tientallen bewoners een keutje en toen wij in de voormalige Kostschool woonden hielden wij er ook zo'n krulstaart op na die in het najaar geslacht werd". Wes Beekhuizen Groen was mijn dorp pagina 18

Te Koop:  Het nieuws van den dag : kleine courant, 19-06-1899: "Het Heerenhuis a/d Dorpstraat te Renkum, waarin is gevestigd het Instituut voor Jonge Dames van Mej. Kaijser, met daarachter gebouwde School en Gymnastieklokalen, benevens Tuin, groot 8 Aren 72 Cent. Het Huis bevat beneden 3 groote Kamers, waarvan 2 en-Suite ; boven 5 Kamers, waarvan 3 en-Suite en kleinere Kamer; voorts Keuken, Kelder en Zolder".

In 1912 is de kostschool verplaatst naar Heelsum. (volgens Burgstein; Bomen over Renkum, p. 241)

In 1893 verhuisd naar Heelsum, Aan de Beek 1. Tegenover huize Bergzicht.

De schrijver Wes Beekhuizen heeft er vanaf 1912 gewoond: "toen wij in de voormalige Kostschool woonden hielden wij er ook zo'n krulstaart op na die in het najaar geslacht werd. Ons varkentje liep dikwijls vrij in de tuin rond en zo kon het gebeuren dat het eens in onze meubelwinkel aan de Dorpsstraat verzeild raakte, daar veel bekijks trok en aan groenteboer van Dijk de conclusie ontlokte dat Beekhuizen nou ok al keujes verkocht".

In de winter van 1944/45 zijn deze twee panden volledig verwoest.
Voormalig Rusthuis Dennenhoek, Stationsweg F 43, Oosterbeek
in het adresboek 1920 staat: Cronjťweg F 43

Dennenhoek Oosterbeek

Dennenhoek Oosterbeek
Dennenhoek Oosterbeek
Hoofd en eigenaar is Maria Elisabeth van den Bosch tot 1923.

Mw. van den Bosch kennen we ook van Klein Sonneberg
Voormalig rusthuis Dennenoord, Heelsum, oud adres Utrechtseweg B99.

Uit een advertentie van 1927: Rusthuis „Dennenoord" Utr.weg B99 -- Heelsum. Opname van rust- en hulpbehoevenden, zenuwpatiŽnten, of beginnend longlijden. Boschrijke omgeving. Deskundige verpleging. Condities: Kamers vanaf f 5.— per dag, kinderen vanaf f 2.50 per dag. Inlichtingen: Dr. G. H. O. Van Maanen, Oosterbeek. Ook zeer geschikt voor rustige pensiongasten.
Dennenooord Heelsum
Voormalig herstellingsoord Renkum, vanaf Sanatorium Dennenrust, Hartenseweg 50 te Wageningen (post via Renkum).

Het sanatorium Renkum, later Dennenrust is gebouwd in opdracht van dr. W. Kersten uit Heelsum, voor dr. Haverkorn van Rijsewijk, door de architect M.A. van Nieukerken in 1907. Dit jaartal komt uit een boek over deze architect. En uit het telefoonboek van 1905 haal ik:
Telefoonboek 1905

Haverkorn

Dan zal het verhaal van de architect net niet geheel kloppen. Al in 1904 begint dr. Haverkorn van Rijsewijk met de bouw van zijn sanatorium. In de Oosterbeekse Courant van 25-06-1904 staat: "Bij uitspanning 'Nol in 't Bosch' wordt door Dr. Haverkorn van Rijsewijk (geneesheer-direkteur) een herstellingsoord voor longlijders opgericht." Het herstellingsoord wordt in 1905 in gebruik genomen.

Dennerust Haverkorn Renkum

"Dokter Haverkorn van Rijsewijk begon, kort nadat hij zich als jong arts in Renkum vestigde,.op velerlei gebied activiteiten te ontplooien. Hij werd spoedig gemeenteraadslid, later zelfs wethouder, het Oranjecomitť kreeg in hem een eminent voorzitter, hij stichtte het sanatorium Dennenrust voor
longpatiŽnten en voor de oprichting van Het Groene Kruis is hij ook de stuwende kracht geweest". Uit Wes Beekhuizen, pagina 224.

Dennenrust
De naam Dennenrust kwam later in 1930.

"Het "Herstellingsoord Renkum voor beginnend longlijderessen" van dokter Haverkorn van Rijsewijk lag aan de Zandweg naar Bennekom even voorbij Nol in 't Bosch. Het werd gebouwd door de Renkumse aannemer Van Scherrenburg. Dokter Haverkorn van Rijsewijk kon er als eigenaar en geneesheer-directeur volgens zijn eigen inzichten behandelen. Om zich te profileren onderscheidde hij zich met zijn kleine sanatorium en zijn behandeling nadrukkelijk van het grote ONO. Bij de kleinschaligheid behoorde dagelijks bezoek en aandacht van de arts aan ieder van zijn patienten. Oranje Nassau's Oord was een tot het verplegen van tbc-lijders omgebouwd paleis. Ook de locatie werd er voor aangepast; in 1901 werd er een hele wal opgericht om de patiŽnten - die veel in de buitenlucht moesten kuren - tegen de oostenwind te beschermen. Het herstellingsoord van dokter Haverkom van Rijsewijk werd naar eigen ontwerp als sanatorium gebouwd en de lokatie was goed voor het doel uitgezocht, het lag meer beschut dan ONO. Er was plaats voor tien patiŽnten, er waren drie tweepersoonskamers en vier eenpersoonskamers en een badkamer. Er was een keuken en een kamer voor een inwonende verpleegster, een wacht- en een spreekkamer. Bij het gebouw werd bij de ingang een arbeiderswoning gebouwd (1905) voor een tuinman. Bij het nieuwe gebouw waren ruime lighallen en het gebouw had brede balkons zodat patiŽnten 'de zuivere lucht, het onmisbare medicijn met volle teugen tot zich kunnen nemen'. Met de bouw werd rekening gehouden dat licht en lucht vrije toegang hebben. Op de vloer linoleum, makkelijk stofvrij en schoon te houden. De verwarming was ideaal al. centrale warmwaterinrichting, dus zonder rook en stof. 's Avonds gasoline gloeilicht. Wes Beekhuizen beschrijft in 'Groen was mijn dorp', dat de firma Beekhuizen de inrichting verzorgde. De leiding van de kliniek zorgde voor stipte orde en reinheid. De patiŽnten kregen vijf maaltijden per dag waarvan twee warm. Het herstellingsoord Renkum werd in april 1905 geopend. ONO was een 'volkssanatorium'. Er was plaats voor zo'n 100 patiŽnten. Voor on- en minvermogenden was er een fonds waaruit de verpleegkosten betaald werden. Haverkorns herstellingsoord had dat niet, de patiŽnten komen uit de gegoede klasse. De verpleegprijzen waren hoger dan ONO al vanaf f 3,50 per dag, terwijl dat op ONO f2,20 - f4,- was (inclusief medicijnen)". Bron: Annelies Hoogmoed.

"Verschenen is het eerste verslag van het herstellingsoord Renkum te Renkum, voor een beperkt getal longlijderessen. In Mei 1905 werd dit herstellingsoord geopend door Dr. K. Th. Haverkorn van Rijsewijk. Het getal plaatsen werd, met het oog op de vele aanvragen, gebracht van 8 op 10 en daarna op 11. Bovendien is in het najaar van 1906 eene afdeeling voorn  eebeperkt getal longljjders geopend in Villa Anna gelegen aan den Nieuwenweg te Renkum voor 6 mannnelijke patiŽnten. In het geheel werden 66 Zieken opgenomen, terwijl op 1 Jan. 1908 aanwezig waren 8 dames- en 4 heerenpatiŽnten. Niet lijdende aan tuberculose waren 6 patienten. Twee werden opgenomen ter waarneming, 2 prophytactisch, terwijl 2 zieken om andere redenen eerst een rustkuur doormaakten. De gemiddelde verblijfsduur was 126 dagen. ... Na hun vertrek werd met de meeste patiŽnten contact gehouden. Oůk hier bleek de goede nawerking van het sanatoriumleven en werden van bijna allen goede berichten ontvangen". Uit Het nieuws van den dag: kleine courant 25-02-1908

Dennenoord Renkum
Helaas, het sanatorium Dennenrust staat niet op deze ansicht. Het gaat om een dienstwoning, die ook zichtbaar is op de luchtfoto hierboven, op de hoek van de 2 paden, boven Dennenrust.

Over de bouw van het Herstellingsoord Renkum is een brief bewaard die dokter Haverkom aan zijn moeder schreef. Hij rekent haar voor hoeveel er geÔnvesteerd moet worden en wat de exploitatiekosten zijn. Hij heeft een startkapitaal nodig van f 19.000,- Dit is voor aanschaf van het terrein twee bunder bosgrond voor f 2000,-, de bouw van het herstellingsoord en lighallen, de inboedel, twee jaar salaris voor een inwonende zuster en meid en kosten elektriciteit. Hij schetst ook het slechtst mogelijke scenario: als er in twee jaar geen enkele patiŽnt komt, stoot hij de inrichting af. Het verlies zal dan f 14.000 zijn. Maar met een bezetting van vijf patiŽnten raak je uit de kosten en ieder patiŽnt meer doet de winst evenredig toenemen. Het gebouw is berekend voor 8-10 patiŽnten. Door van zijn vrouw's geld een paar duizend te lenen, kan het project van start gaan. Bron: Annelies Hoogmoed.

In 1914 was er een uitbreiding, waardoor het aantal bedden van 10 naar 15 werd gebracht. Ook werd toen de hal vergroot, er kwam een ruimere behandelkamer en een spijslift. Annelies Hoogmoed heeft een net iets andere tekst: "Het herstellingsoord werd tussen 1905 en 1916 drie keer vergroot (1907, 1913 en 1916), tot een capaciteit van 20 tot 24 personen. Niet te groot, wat dat is tegen de uitgangspunten van de dokter".
Haverkorn

Het sanatorium voor longlijders "Herstellingsoord Renkum' werd in 1930 overgedragen aan de Vereniging Dennenrust. Gelegen in de gemeente Renkum, te midden van de uitgestrekte bossen.

"De Nederlandsche Vereeniging tot het Oprichten en in stand houden van Herstellingsoorden voor Handels- en Kantoorbedienden, Handelsreizigers en Handelsagenten, die bijna 5000 contribuanten in Nederland telt, kan in haar eerste ' herstellingsoord Dennenheuvel, gelegen te Ossendrecht (N.-8r.),. dat geheel aan alle daaraan gestelde eischen voldoet het geheele jaar rustbehoevenden en zenuwzieken opnemen. Verleden jaar was de vereeniging. doordat zij de beschikking had over een belangerijk bouwfonds, hetwelk in dat jaar aanzienlijk vermeerderd was door de opbrengst van een loterij, in slaat een bestaand particulier sanatorium voor t.bc patiÍnten in Renkum (G.) aan te koopen. Dit tweede herstellingsoord is 1 Januari 1931 in handen der vereeniging overgegaan en zal den naam dragen van Dennenrust".
Uit Het Vaderland: staat- en letterkundig nieuwsblad 04-02-1931

"Het bestuur van de Nederlandsche Vereeniging tot het oprichten en instandhouden van Herstellingsoorden voor handels- en kantoorbedienden, handelsreizigers en handelsagenten, welke vereeniging het Herstellingsoord „Dennenheuvel" te Ossendrecht en het Sanatorium „
Dennenrust" te Renkum in exploitatie heeft, bericht, dat op genoemd sanatorium thans een RŲntgen-installatie is geplaatst, waardoor het mogelijk is geworden het opnemen van longfoto's en het doorlichten van patiŽnten op het sanatorium zelf te doen geschieden. De eerste met bedoelde installatie genomen proeven zijn schitterend geslaagd". Uit  Bredasche courant, 05-09-1932.

  In 1932 kreeg men een eigen rŲngtenapparaat.

Telefoonboek 1935:  Dennenrust Sanatorium v. Handels- en kant.bed., handelsreiz. en handelsagenten (ook v. particulieren.) nummer 234.

"JUBILEUM ZR. W. G. NIKERK. Directrice van „Dennenheuvel. Dezer dagen heeft Zuster W. G. Nikerk, directrice van het Herstellingsoord „Dennenheuvel" te Renkum, haar 12,5-jarig ambtsjubileum herdacht. Zr. Nikerk werd te Arnhem tot verpleegster opgeleid. Vervolgens was zij 4 jaar als diacones werkzaam aan het Wilheimina Gasthuis te Amsterdam, om vervolgens door „Bronovo" te 's-Gravenhage als diacones uitgezonden te worden naar Tjikini (Ned. O.-IndiŽ), tegenwoordig de Emma-Inrichting te Weltevreden, genoemd naar de stichtster, wijlen Koningin Emma. Na 7 jaren in IndiŽ haar beste krachten te hebben gegeven, was zij 6 jaren wijkverpleegster der Hevea-fabrieken te Heveadorp en vervolgens 6 jaar particulier verpleegster. In 1924 werd zij tot directrice van „Dennenheuvel" benoemd, een stichting van de Vereeniging tot het exploiteeren van Herstellingsoorden en Sanatoria voor Handels- en Kantoorbedienden, Handelsreizigers en Handelsagenten. Door haar liefde- en tactvolle leiding en haar zakelijk inzicht wist Zr. Nikerk zich algemeen achting te verwerven". Uit: Arnhemsche courant 13-10-1936

  De groote Dennenheuvelfilm, die naast een weergave van het leven in het herstellingsoord en sanatorium, de inrichtingen en hare omgeving zelf toonde. De inhoud was zeer belangwekkend, en doordat door de geheele film een aaneengesloten verhaal liep, was er ook een zekere spanning. Op duidelijke wijze geeft de Dennenheuvelfilm een beeld van het sympathieke werk dezer vereeniging en van de mooie resultaten, die zij met haar -■arbeid weet te verkrijgen. Niet alleen- de binnenopnamen in de inrichtingen zelf, doch ook de natuuropnamen in de prachtige omgeving, waarin de huizen gelegen zijn, waren zeer goed geslaagd, zoodat deze film met groote belangstelling werd gevolgd". Uit:  Nieuwsblad van het Noorden 26-11-1937.Sanatorium Dennenrust Renkum

"De Haagsche Amateur Filmclub heeft voor de vereeniging „Dennenheuvel" een film in drie delen vervaardigd van het herstellingsoord „Dennenheuvel" in Ossendrecht (N.-Br.) en het sanatorium „Dennenrust" in Renkum (Gld.)"
Uit: Haagsche courant,  29-11-1937

  Begin 1940 is zuster  Molenaar de directrice van Dennenrust.

"Het bestuur van de vereeniging Dennenheuvel  bericht, dat haar herstellingsoord Dennenheuvel te Ossendrecht, dat door militairen tijdelijk was bezet, en haar sanatorium Dennenrust te Renkum, dat ook gedurende de oorlogsdagen was geopend, maar door een aantal patiŽnten was verlaten, beide weer in vol bedrijf zijn en patiŽnten zullen ontvangen". Uit: Provinciale Overijsselsche en Zwolsche courant, 29-06-1940.

Dennenrust Wageningen

De oorlog leverder weinig schade aan het pand men kon gewoon verder fuctioneren.
"In verband met haar vertrek naar het buitenland heeft mevr. Ch. M. Deterding -Knaack geschonken aan „ Vereninging Dennenheuvel", haar riante villa met de daarbij behorende 3,2 ha grond, gelegen aan de Soestdijkerstraatweg te Hilversum. De vereniging heeft besloten dit pand op zo kort mogelijke termijn als herstellingsoord te gaan exploiteren. Hiermede gaat zij naast het herstellingsoord „Dennenheuvel" te Ossendrecht (N.Br.) en een sanatorium „Dennenrust" te Renkum (Geld.) een derde herstellingsoord te Hilversum exploiteren." Uit De Tijd, 23-03-1955.

Dit wordt dan het Herstellingsoord Overbosch, later Dennenheuvel. In 1956 is het gedaan met de TBC. Het Rusthuis Dennenrust komt leeg te staan. "Wegens opheffing van Rusthuis Dennenrust, Hartenseweg 50, verkoop van inboedel". Uit de Hoog en Laag van 02-11-1956

Dennenrust wordt daarna een bejaardencentrum voor gerepatrieerde  bejaarden uit IndonesiŽ. Rumah Kita wordt per 1 maart 1958 opgericht onder de naam Stichting Dennenrust. Zorg werd geboden in het voormalige sanatorium, een grote villa aan ongeveer 20 bewoners. Om te kunnen voldoen aan de grote vraag van ouderen werd in 1972 een nieuw gebouw geopend op hetzelfde terrein als de villa. Dit gebouw had een capaciteit van 130 plaatsen. Het bejaardenhuis groeide uit tot een verzorgingshuis met aanvullende verpleeghuiszorg. De naam Stichting Dennenrust verandert in Rumah Kita in 2008.

Tussen eind 2007 en februari 2008 gaat Rumah Kitah verhuizen naar een nieuw en modern woonzorgcomplex aan het Plein 15 Augustus 1 te Wageningen. Het ligt in de bedoeling Dennenrust af te breken en het geheel weer te doen opgaan in de natuur. Net als het naburige ITAL. Doch nood breekt wet: anno 2010 wordt Dennenrust gebruikt door het bejaardencentrum de Tollekamp uit Rhenen, zij bouwen in Rhenen op de oude locatie een geheel nieuw zorgcentrum. Op 4-7-2012 kunnen de bewoners weer terug naar Rhenen en komt Dennenrust weer leeg te staan. Later in 2012 wordt Dennenrust eigendom van een exploitatiemaatschappij (Egbert Schiphorst). Een ondernemer in de recreatieve branche, die het verzorgingshuis Dennenrust verbouwde en een bij de bestemming passende huurder vond: de stichting Jah-Jireh, een gemeenschap van Jehova’s getuigen. Men gaat verbouwen naar 85 appartementen en het moet in 2013 klaar zijn voor gebruik. Veel rumoer in de directe omgeving. Is Dennenrust gekraakt? "Jah-Jireh is op een uiterst slinkse wijze te werk gegaan, en heeft Dennenrust gekaapt." De gemeente Wageningen vindt dat de actuele bewoning van Dennenrust niet in het bestemmingsplan past. Nog meer rumoer. Er komt een oplossing en Jah-Jireh Wageningen kan blijven zitten.
Voormalig rust- en herstellingsoord Hof, De dubbele slag, Oosterbeek

Villa Frida, inrichting voor zwakken te Oosterbeek.
Herstellingsoord Oosterbeek te Oosterbeek

Mogelijk is het pand aan de Paul Krugerstraat in 1907 de inrichting voor zenuwlijders van zuster De Vries te Oosterbeek (Hoog).

Herstellingsoort
herstellingsoord

Herstellingsoord verplaatst van Oosterbeek naar APELDOORN, Oranjepark, waar gelegenheid is voor plaatsing van herstellenden, hulpbehoeven en en zenuwlijders, voor tijdelijk of doorloopend. Kinderen worden ook opgenomen. Directrice: R. DE VRIES, 1908
De J.P. Heye Stichting, Utrechtseweg 316, Oosterbeek

Het voormalige ziekenhuis II in Oosterbeek staat in 1909 leeg: "Zwakzinnige kinderen. Onder leiding van den heer J. E. van Renesse, districtsschoolopziener te Arnhem, vergaderde in den laten namiddag Zaterdag te Utrecht de  Vereeniging tot het opvoeden en onderwijzen van zwakzinnige kinderen. De voorzitter deelde mede dat verschillende terreinen voor een gebouw der vereeniging zijn bezichtigd en het oog is gevallen op een gemeentelijk ziekenhuis te Oosterbeek, gemeente Renkum, thans leegstaande en voor een gering, bedrag verkrijgbaar. De ingezetenen van Renkum hebben dit terrein beschikbaar willen stellen voor een lageren prijs. Welnu de vereeniging bezit een kapitaal van ƒ25,000, een som voldoende voor den aankoop van een gebouw; en een school, doch ook voor de exploitatie zijn gelden noodig. De afdeelingen der vereeniging worden derhalve opgewekt daarin bij te  dragen, terwijl ook Rijkssubsidie steun zal verleenen. Medegedeeld wordt voorts dat een inwoner van Oosterbeek ƒ9OO heeft aangeboden op voorwaarde, dat de inrichting toegankelijk zij voor kinderen van alle gezindten. Dit nu zal het geval inderdaad zijn. Met algemeene stemmen wordt daarop besloten over te gaan tot het stichten van een algemeen opvoedingshuis en school: de J. P. Heyestichfing. Alvorens de vergadering te sluiten deelde de voorzitter nog mede, dat de school ruimte biedt voor 32 leerlingen, en het gebouw inwoning voor 20 kinderen. Nader zal overwogen worden of ook externen zullen worden toegelaten". De Tijd 27 9 1909

Jan Pieter Heye, wikipedia

JP Heye Oosterbeek

JP Heye Oosterbeek
De nieuwe courant 2 3 1911: "In tegenwoordigheid van vele belangstellenden had Woensdagmiddag de opening plaats van het tehuis voor zwakzinnige kinderen, de J. P. Heye-stichting te Oosterbeek. Deze stichting, ingericht in het geheel verbouwde ziekenhuis aan den prachtigen Oosterbeekschen Straatweg, dicht bij de Koude Herberg, vormt een school voor zwakzinnige kinderen van alle gezindten, met een opvoedingshuis, waaromtrent wij in ons Avondblad van Dinsdag jl. verschillende bijzonderheden mededeelden. Bij de opening op gisteren waren aanwezig een nicht van den dichter, bestuursleden van de afdeeling Arnhem en het hoofdbestuur van de Vereeniging tot verzorging, opvoeding en onderwijzen van zwakzinnige kinderen. De heer J. C. van Renesse hield de openingsrede. Daarna sprak dr. Gunning, schoolopziener te Amsterdam, die hulde bracht aan den heer Van Renesse en vervolgens dedirecteur. Een kinderkoor zong eenige liederen, waarna het gebouw bezichtigd werd"

Oosterbeek JP Heye
Voormalig "Het Huis te Heelsum" Oud adres Aan de Beek 1 Heelsum (gevonden in 1941)

 In 1868 geveild door notaris Kuijk Arnhem en omschreven als een herenhuis met 9 kamers, met een er naast gelegen wandelbos, weilanden en gelegen aan de Heerlijkheid Doorwerth.

Een kostschool voor jongedames was er eerder in Renkum aan de Dorpsstraat en was vanaf 1893 en in Heelsum, Aan de Beek 1. Tegenover huize Bergzicht.

Dameskostschool Heelsum
ansichtkaart, gelopen 1906.

Op 6 september 1899 (datum ???) verhuisd de kostschool van de Dorpsstraat in Renkum naar 't Huis Heelsum dat al eerder was gebouwd. 't Huis Heelsum is meer geschikt dan de Renkumse locatie en voldoet aan eisen van hygiŽne.

dameskostschool
dit huis is moeilijk te herkennen als dameskostschool, misschien van de zijkant? In de omschrijving staat wel dameskostschool Heelum

Huis Heelsum

Heelsum Dameskostschool

In 1899 was Mej. J.C. Kayser de directrice.

In 1908 staat er in de het Nieuws van den Dag: "Uit Renkum schrijft men ons, dat de dameskostschool,. thans gevestigd in 't Huis te Heelsum, te Heelsum, opgeheven zal worden. De opleiding van enkele meisjes zal evenwel voortgezet worden in de villa ĽSonnevanckę, te Heelsum."

In 1909 neemt de Hotel-Maatschappij "de Tafelberg" die reeds enige jaren het hotel "de Tafelberg" te Oosterbeek exploiteert, de kostschool "Huize Heelsum" te Heelsum over.
In 1909 wordt hotel-pension Heelsum geopend. Zie de Oosterbeeksche Courant van 10-4-1909.
De voormalige kostschool ” `t Huis Heelsum”, het tweede hotel in de keten van de Bilderberg. Hotel de Tafelberg was het eerste hotel.

"Jonge dameskostschool is nu Hotel-pension "t Huis Heelsum", geexploiteerd door dezelfde maatschappij als "Hotel de Tafelberg" in Oosterbeek". Oosterbeeksche Courant 10-04-1909

 Later werden de eigendommen van Ogterop nog uitgebreid met hotel Wolfheze.
Hotel Heelsum
advertentie 1911


Rond 1911 wordt Huis Heelsum een Kinderkoloniehuis. In 1917 wordt 't Huis Heelsum verkocht aan C.V. Vacantie-Kolonies Nederland. En in 1918 wordt de nieuwe naam "Kinderkoloniehuis Heelsum". Koloniehuis v.d. Centrale Genootschap voor kinderherst.- en vakantiekoloniŽn. (Kolonie Huis Heelsum).

Huis Heelsum

In 1935 staat in de telefoonlijst: Koloniehuis Huis Heelsum v.h. Centr. Genootsch. v. Kinderherst. en Vacantiekol. telefoon 22

Heelsum Kinderhuis rond 1920
Huis Heelsum

Gedurende de Tweede Wereldoorlog werd het koloniehuis Huis Heelsum gevorderd door het Duitse leger voor een kindertehuis van de Nationalsozialistische Volkswohlfahrt, bedoeld voor opvang van Duitse kinderen die slachtoffer waren van de geallieerde bombardementen in Duitsland. Na de WWII (5-6-1945) zijn er 2 oorlogsslachtoffers opgegraven in het bos bij huize Heelsum, deze waren er gefusilleerd in de winter van 1944/45.

Na de oorlog zie ik nog de naam: Vacantie Kindertehuis Aan de Beek (kaart Tehuizen en Gestichten gemeente Renkum 1952 605).

Huis Heelsum

Huis te Heelsum, Heelsum

Na de WWII wordt het koloniehuis weer hersteld, er komt ook een kleuterschool in. Het gebouw werd in november 1964 gesloopt. De nieuwe service-flat Koningshof werd op de oude locatie in 1965 geopend.

Kinderhuis Heelsum
Koningshof is nieuw = rood en blauw het voormalige kinderhuis. Kadasterkaart 1965.

Ga naar de parkeerplaats van de Koningshof, die is op de plek van Huize Heelsum

In 1907 opent Villa Sonnevanck te Heelsum. Geen kostschool maar meer een tehuis voor een beperkt aantal jonge meisjes, die de eigenlijke schooljaren achter de rug hebben, maar zich nog verder algemeen wensen te ontwikkelen. Een soort uitloop van 't Huis Heelsum. Zie verder bij Sonnevanck.

Huis Heelsum vanaf de kerk rond 1904
Op deze foto, genomen van het Kerkje op de heuvel is goed te zien waar het huis stond. De wegen en de beek zijn er nog steeds op dezelfde plek. Je ziet het huis van de zijkant, de meeste foto's laten de voorkant zien. Op een foto hiernaast is het Kerkje in de achterdrond te zien.
Heelsum
de situatie in 1947. Eigenlijk zijn alleen de hoogtelijnen aangegeven voor het stuk waar dan (in het midden) nog het kolonie- vakantie-huis staat
Herstellingsoord de Hut, Utrechtseweg 23 daarvoor Utrechtsche Straatweg 5, Heelsum

Men behandelde er geen tuberculose gevallen, daarvoor waren er vele mogelijkheden in Renkum. Met moderne gemengde lighallen en zonnebaden. Zuster D.W.M. van Malsen was er in 1922 de gediplomeerde verpleegster die de Hut bestuurde. In 1935 is er een aanpassing van de doelstelling:  Ouders in IndiŽ en Verlofgangers. Kindertehuis „de Hut" Heelsum hoogste plaats op de  Veluwe, alle scholen in de onmiddelijke nabijheid. Toezicht op huiswerk. Aanbev. door Dr. D. Bartling, psycholoog. Tijdelijk of voor vast. P. Geerling per adres. Verstrekt gaarne inlichtingen D. W. M. Van Malsen.

De Hut

De Hut

De Hut

In 1928 bestierd door Geneesheer: Dr K. Th. Haverkorn van Rijsewijk en Zr: W. W. M. van Malsen.

De Hut
De Hut, Heelsum

Verkoop landhuis de Hut met garage en tuin Utrechtseweg kad. Sectie C no. 2305
groot 12 are. Oosterbeekse Courant 02-08-1941

De Hut

HEELSUM, 28-3-1952. — Hedenmiddag is brand uitgebroken te Heelsum in villa „De Hut”, waarschijnijk door het uitbranden van een kraaiennest in de schoorsteen. Het rieten dak vatte vlam en aangewakkerd door de Oostenwind stond het dak spoedig in lichter laaie. De brandweren uit Renkum en Oosterbeek waren snel ter plaatse. Zij bestreden het vuur met acht stralen. Weldra kwam er assistentie van de brandweer uit Arnhem, die slangen uitlegde naar de Heelsumse beek om meer water te krijgen. De brand was inmiddels overgeslagen naar het pand Utrechtsestraatweg 25, genaamd „Ten Anker”, dat ook met riet. was gedekt. Ook hier brandde het dak af. Uit beide huizen had men inmiddels het meeste huisraad gered. Verzekering dekt de schade.
Kostschool voor meisjes, Dorpsstraat Renkum.

In 1881 wordt Mej. L.F. Meindersma benoemd, tot hoofd van dan gesubsidieerde dag- en kostschool voor meisjes te Renkum. Dit instituut voor jongedames opent per 1 september 1881 in Renkum, bij Wageningen.

uitzoeken, de dames kostschool van Kayser
Prospectussen zijn beschikbaar en voor inlichtingen kan men zich wenden tot: J. v. Embden, burgemeester van Oosterbeek en Renkum. Theod. Pannekoek, wethouder; M. Mijnlieff + H.L. Ploem, lid van de gemeenteraad; etc.
Villa Laura, Heelsum

Lees meer over villa Laura bij landgoederen
Laura
Mooi-land. Utrechtscheweg 425, Doorwerth.

Een ontwerp van architect G. Veenstra uit 1934.

Mooi-land is vernoemd naar het echtpaar Mooy-Lensvelt, de oude eigenaars van het terrein. De ideeen rond Mooi-land zijn er vanaf 1930, een tehuis voor doopsgezinde ouderen. In 1934 wordt benoemd: mw. A. C. M. A. Bisschop Boele, directrice „Mooiland". De bouw is klaar in 1936. Weer gesloopt in 2014-15.

Huize Mooiland
Mooi-land in 2012.

  Renkum DE BOUW VAN „MOOILAND". Werk vordert snel. De bouw van „Mooiland", het tehuis van Doopsgezinden en geestverwanten aan den Utrechtschen straatweg nabij de Kievitsdel, vordert thans in snel tempo. Voor een zeer groot deel is dit te danken aan de ideale wijze van werken. De samenwerking tusschen opdrachtgeefster, architect en aannemer, is juist zooals ze behoort te zijn, terwijl de organisatie bij de uitvoering van het werk voorbeeldig genoemd kan worden. Alles is er thans op ingesteld nog deze maand „dicht" te komen en het lijdt geen twijfel of dit zal inderdaad het geval zijn. Het gebouw is grootendeels onder de kap, terwijl gedeelten van het dak zelfs reeds van pannen zijn voorzien. Centrale verwarming en electrische leiding worden met bekwamen spoed aangelegd. Op 4 November hoopt men proef te stoken met de centrale verwarming, die voorzien is van een pompinstallatie. Men wil hiermede bereiken voor den a.s. winter de binnenbouw droog te hebben. Ongestoord zal den het intťrieur van het gebouw afgewerkt kunnen worden. In April moet het geheel worden opgeleverd. Wanneer het gebouw gereed zal zijn, komt de tuin aan de beurt, waarbij men dankbaar gebruik zal kunnen maken van hetgeen de natuur aan schoonheid schiep. Over enkele uithollingen komen dan rustieke bruggetjes. Het gebouwencomplex, thans in gebruik als directie- en aannemerskeet, zal worden ingerifcht tot theehuis, garage en werkplaats, in welke laatste lokaliteit de bewoners knutselwerk kunnen verrichten. In het midden van den achtergevel van het gebouw komen drie gebrandschilderde ramen. Het middelste raam zal Menno Simonsz voorstellen, terwijl het rechtsche raam de gesymboliseerde Christusfiguur en het linksche de bergrede te zien zullen geven. De geheele inrichting van het gebouw zal op moderne wijze geschieden. In de gezelschapskamers, de conversatiegehoorzaal, de kamers van de directrice, van huishoudster en van het personeel komen radio-installaties. Het klokketorentje wordt met rood koper bekleed en zal worden voorzien van een windvaan eveneens met een symboliek. Een electrische geluidsinstallatie zal dienen ten behoeve van verre wandelaars enz . Tenslotte kunnen we nog verklappen, dat de ontwerper, de heer J. W. Franken Jzn., architect B.N.A. te Velp, plannen heeft om het Noord-Westelijke keldergedeelte, dat men door de geaardheid van het terrein zeer gemakkelijk heeft verkregen, in te richten als een soort Raadskelder met biljarts, e.d. Uit de  Arnhemsche courant van 28-09-1935

Mooiland Doorwerth

De eerste steen werd gelegd door dhr. Postuma, oud-minster op 31 juli 1935. Het tehuis werd al in 1942, 1943 en 1944 gevorderd door de Duitse bezetter. Steeds werd van een gebruik afgezien. Op 17 september is men getuige van de luchtlandingen en na anderhalve dag zit men midden in de gevechten. Als op 1 oktober 1944 de gehele gemeente moet evacueren, laat men Mooi-land en de bewoners van de er in de buurt gelegen woningen ongemoeid. In de tuin van Mooi-land, bij het groen huisje nesteld zich een Hermann GŲring-divisie van zo'n 100 erg jonge, vrijwel altijd dronken, soldaten. In de kelder van Mooiland was de veldkeuken. Water werd geleverd door de pomp van de "Pelshoeve" en bakker Crum uit Heelsum leverde vers brood. Uiteindelijke moeten de bwoners op 21-22 en 23 oktober 1944 toch evacueren. Met een Rode Kruis bus eerst naar Ede en enkele dagen later naar De Bilt, Een paar dagen na de ontruiming werd Mooi-land het domein van de NSDAP. Duiters gebruikten Mooi-land om opgepakte mensen er onder te brengen, die moesten helpen met het graven van loopgraven, onderkomens en stellingen ten noorden en oosten van de Nederrijn. O.a, op de Boersberg, de Noordberg. Zo werd het "Lager Mooi-land, een verhaal hierover.

Mooi-land

Na het mislukken van de Slag om Arnhem werd een groot gedeelte van de Veluwezoom tussen Arnhem en Tiel op last van de Duitse bezetter worden geŽvacueerd. De Duitsers vermoedden dat de Geallieerden opnieuw een aanval over de Nederrijn zouden uitvoeren. Omdat te bemoeilijken werd er een reusachtig stellingen-systeem aangelegd, met loopgraven, geschutsopstellingen, mitrailleursnesten en mijnenvelden. Ook de Grebbelinie werd weer ingericht. Zoals gebruikelijk werden daarvoor dwangarbeiders gebruikt. Deze mannen werden ondergebracht in kampen. Een daarvan was het doopsgezinde bejaardenhuis Mooi-land, waarvan de bewoners in oktober 1944 hadden moeten evacueren. De naam Scharnhorst werd gebruikt om een groepje Mooi-landers aan te duiden.

Engelse en Amerikaanse militairen verkenden de Doorwerthse hellingen. Soms vonden de  schanswerkers een blikje cola aan in de loopgraaf, als ze die ‘s ochtends weer betraden. Met dank aan de verkenners.

Op 15 maart 1945, in de nacht, is Mooi-land door de bezetter en de dwangarbeiders verlaten. Wat wisten de Duitsers? De datum is 9 dagen voordat de geallieerde operatie "Plunder" begint.

In februari 1945 beginnen de gealieerden het Rijnland offensief en in het kader hiervan verlieten de schanswerkers het huis op 15 maart 1945, op mars richting de Achterhoek. Eind mei 1945 treft de directie een desolaat tehuis aan. Weer en wind hadden vrij spel. Als een bewoner van de Kerklaan in Doorwerth, eind mei, zijn huis bezoekt, fiets hij langs Mooi-Land. "Daar zaten Engelsen in. Op het plantsoen voor het huis stond het vol met kanonnen, jeeps en andere voertuigen." Na de Engelsen kwamen in mei 1945 de Canadezen en zij bleven er tot 31 december 1945. Het bestuur kon fl. 75.000 lenen van de Algemene Doopsgezinde SociŽteit om een het tehuis weer bewoonbaar te maken. Er kwam geld van de molest-verzekenring en van een landelijke schade-uitkering. De toewijzing van bouwmaterialen komt begin 1946 op gang. In november 1946 wordt Mooi-land opgeleverd en daarna trekken de bewoners er druppels gewijs, weer in. Op 5 januari 1947 volgt de officiŽle heropening. (lees meer in het boek van Leloux, Kroniek van Mooi-land uit 1986).

Mooi-land

In 1951-1952 wordt het tehuis uitgebreid met de Noord-vleugel.

Mooiland

Mooi-land Doorwerth

Mooi-land

De laatste eigenaar: Vilente, verhuisde de bewoners in 2011 naar het nieuwe verzorgingshuis De Sonnenberg in Oosterbeek. Daarna viel de beslissing tot sloop. De sloop was eind 2015 klaar. In de lente 2017 waren de laatste resten geruimd. Welke bestemming het schoon gemaakte terrein gaat krijgen is nog onduidelijk. Voorlopig lijkt het er op: terug naar de natuur.

groene huisje Mooi-land
Zelfs in 2015 staan er nog "groene huisjes" op Mooi-land.

Er was in 2015 nog een groen huisje, geheel aan de Noordzijde aan het eind van de rechter personeelsingang. Kennelijk gebruikt als opslag, en kantine voor de groen-werkers.

Mooi-Land tehuis

Begin 2018 wordt duidelijk dat Vilente er opvangplekken en een groot kantoor gaat bouwen
Voormalige Paula Stichting, Nico Bovenweg 44, Oosterbeek.

De Paula Stichting begint in 1966 als opvolger van een gelijknamige stichting in Utrecht. De congregatie was toe aan nieuwbouw. Volgens de BAG is het pand gereed gekomen in 1959, en ik neem maar weer aan dat de BAG fout zit.

BAG
Anders is er in 1959 een pand gereedgekomen dat als eerste dienstjaar dus 1960 heeft en dat vervolgens 6 jaar leeg staat. Nog leuker wordt de oppervlakte van 21 M2, een groot kippenhok!

 Topotijdreis geeft een beter beeld. In 1965 is er een kavel met slechts ťťn klein pand (Dreierheide). In 1966 staat er de nieuwe Paula Stichting.

Architecten waren: A.H.J. Swinkels, B.H.F.LSalemans en F.J. Knibbeler. Klaar in 1968

Moviera Oosterbeek
Paula Stichting Oosterbeek

De Paula is aan de noordkant ingang Nico Bovenweg, Aan de zuidzijde is het voormalige Dreierheide goed te zien inclusief de nieuwbouw aan de Graaf van Rechterenweg.
In 1966 kwamen op de Paula de nonnen van de Congregatie der Kleine Zusters van de Heilige Jozef. De nonnen waren naast anderen werkzaam op de Paula Stichting, tot 1980. En de nonnen verbleven op Dreierheide. Het tehuis begon als een tehuis voor ongehuwde moeders. Later werd het een "Blijf van m'n lijf" instelling. De zusters vertrokken in 1984. In 2018 wordt de omgeving ingelicht over de verbouwplannen naar een woonwijkje.
J.E. van  Renessehuis op de J. P. Heyestichting, Oosterbeek

Naar een ontwerrp van G. Bruins in 1968. (foto hiernaast)

Het J.E. van Renessehuis op J.P. Heijestichting kende waarschijnlijk meerdere gebouwen. Het ging als het J.E. van Renessehuis op de J.P. Heijestichting open in 1961.

In juni 2012 zijn het Renessehuis, het Spreeuwenest en de Grasdakschool gesloopt.
JP Heye Oosterbeek
Huize het Schild, Wolfhezerweg 101 te Wolfheze

In 1908 werd aan de toen recent verharde Wolfhezerweg, te noorden van het station een terrein aangekocht voor de bouw van een tehuis voor alleenstaande blinden, welk tehuis in 1911 gebouwd werd.

"Uit een verslag in Eigen Haard: „Het bestuur der Vereeniging voor Nationale Blindenzorg; beschermheer Prins Hendrik der Nederlanden, heeft het aangedurfd een Tehuis te stichten op geen andere basis dan op het vertrouwen in den liefdadigheid van den Nederlanders van alle gezindten". „Het Tehuis in zijn soort eenig in Nederland. Geen gesticht met den verlammende gestichtsgeest, maar een Tehuis met vrijheid, liefde, gezelligheid en huiselijkheid. En geen vragen naar godsdienstige of politieke overtuiging, noch naar eenig kerkelijke belijdenis. Hier zetelt liefde zonder eenig exclusivisme". Uit het boek 't Wolvenbos. Geschiedenis van 't oude Wolfhees en het dorp Wolfheze 1900-1940; Dolderen, Gerrit van; 1977

Het Schild Wolfheze
Het Schild I uit 1911.

Schild
Her Schild I met zijvleugels

Het Schild
Het Schild na WWII
Het Schild II uit 1950

Schild Wolfheze
Een wat latere foto, het personeel komt met de auto. De klimop heeft de gevel al vrijwel bedekt.

Het Schild Wolfheze
Het Schild III tegenwoordig. Een bouwtekening van het Schild voor 1911.

Lees: 75 Jaar Tehuis voor Alleenstaande Blinden/Het Schild, tehuis voor slechtzienden en blinden, Wolfheze: een herdenkingsboekje, uitgegeven ter gelegenheid van dit jubileum door Anema, Ulbe G. uit 1987.
Klein Sonneberg (Zonnenberg), Oranjeweg 6, Oosterbeek

Zonnenberg
In 1895, misschien Klein Zonnenberg?
Mw van den Bosch is de directrice van het rusthuis Klein Sonneberg, zie de advertentie hieronder. En Klein Sonneberg wordt later het Hemeldal op de Oranjeweg.

Hemeldal
1922

Sonneberg
Op deze veldwerkkaart gemaakt in februari 1923 wordt de naam van mej M.E. vd. Bosch genoemd. Het gaat dan om kavel B427 die later over gaat naar mej B. Zwarts. De oudere kavel is 405 - 409.
Sonneberg
uitsnede van kadaster veldwerkkaart B405 met dienstjaar 1923. meerder andere kavels worden gesplitst en aan- of verkoop voor mej. M.E. vd. Bosch. aanwezig haar tuinarchitect Voorhoeve.

Hemeldal
hier een andere uitsnede van dezelfde kavel B 405 uit 1922. Er is nog niet gebouwd. Er wordt aangegeven dat er dennen staan.

Waar stond het pand Sonneberg op de Oranjeweg. De Sonneberg bevind zich ten noorden aan de LANDWEG, die kruist met de LANDWEG, die naar het noorden weer uitkomt op de spoorweg Utrecht - Arnhem. Tegenwoordig is de lokatie op de linkerhoek van het bospad, in het verlengde van de ORANJEWEG, te noorden van de kruising met de Graaf van Rechterenweg. Het pand Graaf van Rechterenweg 55, de Rechterenborg, staat iets noordelijker.

Hemeldal
telefoonboek uit 1925

Sonneberg
Is dit Klein Sonneberg dat te koop komt? Advertentie uit 1925.

Mw Maria Elisabeth van den Bosch verkoopt in  aan mej. B. Zwarts het voormalige rusthuis Dennenkamp aan de Stationsweg F 42 te Oosterbeek. Lees verder bij het Hemeldal, het tehuis
Kostschool de Tafelberg, op den Tafelberg 180 a te Oosterbeek, adresboek 1857.
Op de Tafelberg A 118 adresboek 1860
Pieterbergsche weg E16 adresboek 1900

Als eerste directrices kennen we:
Rudolphina Swanida Wildrik (Zutphen 2-8-1807 - Arnhem 23-2-1883)
Johanna Anna Gerhardina Wildrik (Zutphen 5-1-1813 - x)

Het begin van de Tafelberg: "Swanida Wildrik verhuisd vanuit Deventer, met haar zus Petronella Johanna (1808-1853) naar Oosterbeek. In 1848 richtten zij daar samen de kostschool ‘De Tafelberg’ voor welgestelde jongedames op. Petronella had vier jaar eerder een ‘Akte van algemeene toelating tot schoolhouderesse’ behaald en was bevoegd om les te geven in Nederlands, Duits, Frans, Engels, geschiedenis en aardrijkskunde. Behalve in deze vakken kregen de meisjes onderricht in huishoudelijke taken en in tekenen en schilderen. Voor dit kunstzinnige onderwijs stelden de zussen Wildrik de stillevenschilderes Maria Vos aan, die in Oosterbeek woonde. Swanida nam zelf ook deel aan deze lessen. Haar werk vertoont soms sterke overeenkomsten met dat van Maria. Na de dood van Petronella in 1853, bleef Swanida Wildrik de kostschool leiden, waarschijnlijk samen met haar zus Johanna Anna Garridina (1813/1814-1874). Het is niet bekend wanneer Swanida precies haar functie heeft neergelegd.". Uit Huygens KNAW.

Tafelberg

Tafelberg
Johanna is de moeder van Rudolphine Swanida Wildrik  Meer over R.S. Wildrik: Huygens KNAW.

Tafelberg

Uit dezelfde krant van de advertentie hierboven: "Deze bloeijende Inrigting, die sedert zes jaren in mijne gemeente te Bennekom gevestigd is, en nu door bijzondere relatien zich met Augustus aanstaande zal verplaatsen naar Oosterbeek, heeft zich het ontvangen vertrouwen waardig getoond. De Dames COEIJMANS en TEN BRUMMELER, Institutrices, hebben bewezen alle vereischten te bezitten, noodig voor eene christelijke, wetenschappelijke, maatschappelijke en hoogst fatsoenlijke opvoeding, gepaard aan een minzamen en aangenamen omgang met de haar toevertrouwde ElŤves. De ordelijke administratie der huishoudelijke zaken trekt, tot voorbeeld der meisjes, de aandacht van een ieder, die de Inrigting kent. Ouders en Voogden in het belang uwer Kinderen en Pupillen, onderzoekt of mijne aanbevelingen niet naar waarheid zijn. Bennekom, De Burgemeester , Januarij 1866. VAN BORSSELE Het GEMEENTEBESTUUR van Renkum verklaart , dat het Instituut van de Dames COEIJMANS en TEN BRUMMELER zeer gunstig bekend is en daarom alle aanbeveling verdient. Burgemeester en Wethouders van Renkum".

Tafelberg

In 1869 wordt mej R.P. Koster de directrice.

"In Juni meende de kostschoolhouderes op den Tafelberg te Oosterbeek, dat het drinkwater van hare inrigting minder goed was geworden. Toen een scheikundig onderzoek deze meening bevestigde , werd de pomp terstond buiten werking gesteld en is door de zorg van den eigenaar van het huis de buis, waarlangs het welwater naar boven stijgt, in dieper grondlagen gebragt. Hierdoor is water verkregen, dat aan alle scheikundige eischen van goed drinkwater voldoet. De raad aan de institutrice gegeven, om met het oog op de plaats der pomp het water van tijd tot tijd te laten onderzoeken, wordt trouw opgevolgd". Uit Verslag aan den Koning van de bevindingen en handelingen van het Geneeskundig Staatstoezigt in het jaar 1876.

Kennelijk gaat het niet goed met de kostschool:
Tafelberg
De Notaris E. A. ROMSWINCKEL, te Oosterbeek bericht, dat het op 19 dezer geveild Buitenverblijf De Tafelberg genaamd, gelegen onder Oosterbeek, is ingezet en met de hoogen gebracht op fl18.300,=

Tafelberg

De dames van Bemmelen nemen de kostschoool over van Mej Blotkamp in 1886.

Tafelberg

Wat was nu het gerucht:
Tafelberg

Ik kan me dat niet zo herinneren, is van alle tijden:
Tafelberg

9-6-1902 uit de krant: Oosterbeek, 8 Juni 1902. De „Tafelberg" aan den Pietersbergschen weg, waarin tot heden het bekende dames-instituut der dames van Bemmelen was gevestigd, is verkocht aan de Maatschappij tot Exploitatie van hotels en restaurants "L'Union" te Haarlem.

Uit de krant: 22 7 1902: Te Oosterbeek, bij Arnhem, wordt het Instituut ęDe TafelbergĽ opgeheven, wijl de dames van Bemmelen — die gedurende 16 jaren aan het hoofd dezer inrichting stonden en daaraan zulk een gnnstigen naam hebben verschaft — thans wegens gezondheidsredenen hare taak wenschen neder te leggen. Een aantal jonge dames hebben in die jaren aldaar hare opleiding genoten en algemeen betreurt men, dat Oosterbeek weldra eene school als deze zal moeten missen.

Uit de krant 13 10 1902: De Notaris I. KARSEBOOM, te Oosterbeek, zal op Maandag 27 en Dinsdag 28 October 1902, en zoonoodig den volgenden dag, telkens des voormiddags ten 10 ure, aan het Dames-Instituut Ľ TafelbergĽ, te Oosterbeek, om contant geld, publiek Verkoopen: Den gedeeltenlijke Inboedel, hoofdzakelijk bestaande uit: Piano's, Buffet, Kasten, Tafels, Stoelen, Spiegels, Schilderijen, Eet- en Ontbijtserviezen, Ledikanten, Waschtafels, Nachtkastjes, Dekens en Spreien, Kachels, Haarden en meer; en voorts: 18 Schoollessenaars met Stoelen, Banken, Schoolborden, Gymnastiektoestellen, Teekenvormen, Tooneel en eenige Schermen, met Voorscherm, enz. enz. Te zien 24 en 25 October 1902 van 10—12 en half 2—4 uren, tegen betaling van 10 Cents voor de Werkverschaffing te Oosterbeek.

Tafelberg

eind goed al goed:
Tafelberg


De Tafelberg werd ingericht als kostschool voor jonge dames en daarmede een tegenhanger vormde voor de kostschool voor jonge heren, het Hemeldal aan de Kneppelhoutweg. Deze kostschool bleef tot 1902 als zodanig in gebruik.

De Tafelberg is later een hotel geworden, lees meer bij hotels e.d.

P. van der Kuil, Jan Kneppelhout en zijn tijdgenoten. Een wandeling door het Oosterbeek van de 19de eeuw (Oosterbeek 2007).
Verburgt - Molhuyzen Staete, Utrechtseweg 29 - 33 Oosterbeek.
Voorheen villa Vergarde

Sanders verkocht in 1882 Hartenstein (tegenwoordig het Airborne Museum)  aan de welgestelde houthandelaar de heer G.J. Verburgt uit Arnhem. Hij huwde later met Molhuysen. Na het overlijden van eerst dhr Verburgt (1914) en later mw Molhuysen (1928) zijn er geen kinderen  Daarom lieten zij vermogen achter in de Verburgt - Molhuysen Stichting. Twee zussen van Catharina kregen de opdracht het vermogen aan te wenden om ‘te Oosterbeek huisvesting, voeding en verpleging te verschaffen aan bejaarde dames van gegoeden en beschaafden stand en den Protestanschen Godsdienst’. Aldus geschiedde. En wordt Hartenstein rond 1930 een rusthuis. In 1935 heet het een sanatorium te zijn en dat wordt dan bestierd door de zuster van mw. Molhuizen.

Vergarde Oosterbeek

In 1908 kocht Gerrit Pelt (“Labor Omnia Vincit”) van de grootgrondbezitter Mr G. van Eck drie percelen land aan de Utrechtseweg, waarop hij een door hem ontworpen landhuis Vergarde met een tuinmanswoning door Evert de Geest liet bouwen. In 1920 verkocht hij dit landhuis

De zussen kochten in 1952 huize Vergarde, de villa van rode baksteen. Daar kwam rond 1974 ook MariŽnoord bij; de huidige witte villa.

Sinds 1979  zijn vrouwen ťn mannen van alle gezindten welkom. De twee oude villa’s met appartementen werden in de jaren ‘80 verbonden door nieuwbouw; de Staete. De uit 1920 stammende villa Doarps Eijn (Utrechtseweg 31) is sinds kort een sociŽteit voor mensen met dementie. In 1972 verschijnen er nog advertenties voor ouderen waarbij de rusthuizen „MariŽnoord" en „De Vergarde", Utrechtseweg 29 en 33, worden aanbevolen. VNS website
De villa Vergarde, adres in 1929: Utrechtsche straatweg 9 tegenwoordig Utrechtseweg 33. In 1908 kocht Gerrit Pelt van de grootgrondbezitter Mr G. van Eck drie percelen land aan de Utrechtseweg, waarop hij een door hem ontworpen landhuis met een tuinmanswoning door Evert de Geest liet bouwen.

Vergarde Oosterbeek
Vergarde Oosterbeek

Deze woning kwam klaar in 1909, en dat wordt bevestigd door de BAG. In 1920 verkocht hij dit landhuis en vestigde zich in een omstreeks 1917 door aannemer Adrianus Goossens gebouwd nieuw huis aan de Beukenlaan 31. In 1931 gaat Pastoor G. Lampe op Vergarde wonen waar hij in 1961 op 47 jarige leeftijd komt te overlijden. Ook anderen gebruiken het adres van De Vergarde voor aankondigingen, recepties. De pastoor woonde er niet alleen.

Verburgt Molhuyzen Oosterbeek

Uit de Arnhemsche courant van 4-10-1952: "Nu de geschiedenis van het huis. „De Vergarde” is een der riantste villa’s, aan de Utrechtsestraat, ongeveer veertig jaar geleden onder bekwame architectuur gebouwd, eerst bewoond door de heer Pelt, later door de heer Lampe. Dit jaar werd zij aangekocht door de heer Verburgt-Molhuysen-Stichting en, om haar bestemming te doen beantwoorden, enigszins verbouwd. De stichting is in het leven geroepen door mevr. C. J. Verburgt-Molhuysen, destijds wonende op Hartenstein te Oosterbeek".

De villa MariŽnhove, Utrechtseweg Oosterbeek. Volgens de BAG gebouwd in 1909.

Verburgt Molhuyzen Oosterbeek
Vanaf 1974 zien we de Verburgt - Molhuyzen Stichting in advertenties ook de villa MariŽnhove noemen, naast De Vergarde.
In 1933 zien we een advertentie waarin mw. Lampe een RK keukenmeisje vraagt.
In 1938 zien we een krantenbericht in de Maasbode: "Te Oosterbeek droeg heden de eerw. pater Ludovicus M. Lampe O.P. in de parochiekerk van den H. Bernulfus zijn eerste plechtige H. Mis op. Als presbyter assistens fungeerde de Z. E. heer J. A. J. ter Heerdt, pastoor der parochie, als diaken pater G. Brenninkmeyer O.P. en als subdiaken pater E. Brenninkmeyer O.P. beiden neven van den neomist". Waarschijnlijk komt de pastoor dus weer gewoon thuis wonen. Helaas is er een verschil in de voornamen, G. of L.M.
Rond 1966 zien we de familie A. Lampe—Kuiper op een ander Oosterbeeks adres wonen.
Herstellingsoord Zr de Vries, Oosterbeek

Zuster de Vries

Geopend van 1906 tot 1908.
Zr de Vries

later dat jaar zien we deze advertentie:
hestellingsoord
is dit het pand van zr de Vries?
Rust en Herstellingsoord villa Wiesenthal. Kneppelhoutweg Oosterbeek

Lees meer over villa Wiesenthal
Wiesenthal
Psychiatrisch Ziekenhuis Wolfheze.

Ziekenhuis Wolfheze

Ziekenhuis Wolfheze
Ziekenhuis Wolfheze
De Kliniek Neder Veluwe.

Wolfheze

Zie voor het Ziekenhuis Wolfheze ook bij begraafplaatsen en kerken.
Psychiatrisch Ziekenhuis Wolfheze Kliniek ‘Neder Veluwe’

 "In 1933 kreeg Rotshuizen opdracht het hoofdgebouw en de directeurswoning te ontwerpen. Het hoofdgebouw was een gebouw met twee lange hoofdvleugels, een voor mannen en een voor vrouwen, die door middel van een centraal blok aan elkaar geschakeld waren. Ter verlevendiging van het aanzicht lagen de vleugels niet in elkaars verlengde, maar enigszins verschoven. De vleugels hadden deels twee en deels drie lagen, afgedekt met zadeldaken. De gevels waren in schoon metselwerk uitgevoerd, met stalen ramen. In de hal waren twee gebrandschilderde ramen van J.H.E. Schilling. Op de ramen waren de roep om bevrijding en de bevrijding uitgebeeld. De kliniek bood plaats aan 55 mannelijke en 75 vrouwelijke patiŽnten. Het hoofdgebouw raakte zwaar beschadigd tijdens de Tweede Wereldoorlog, maar kon worden hersteld". Uit Bonas.nl
De tuin van de Kliniek ‘Neder Veluwe’ te Wolfheze was een ontwerp uit 1933 van Rudolf Max Ahirn Otto Schulz.
"De Kliniek 'Neder Veluwe" werd in 18 maanden gebouwd en op 10 mei 1935 geopend. Het door de architecten Rothuizen en Wind ontworpen gebouw trok de aandacht in de bouwwereld door zijn combinatievan bouwkundige eenvoud, architectorisch fraaie opzet en functionele uitwerking. Een groot en indrukwekkend gebouw vooral ook door het grote terrein-opperviak dat het door zijn vleugelvorm met binnenterreinen in beslag nam. Gebouw en binnenplaatsen samen beslaan liefst 7500 m 2. De totale inhoud van het gebouw met grote kelders was 22.200 m2, vergelijkbaar met zeg maar 50-75 eensgezinswoningen. De hoofdvleugel was 130 meter lang en daar waren twee verdiepingen met patientenverblijven, ontworpen voor 75 vrouwen(links) en 55 mannen(rechts) en daarboven een derde verdieping met personeelskamers met daarvoor aan de wegzijde een doorlopende loggia. Vijf trappenhuizen en een centrale lift regelden het verkeer op en fleer. De lift was groot genoeg voor een patient met bed. Dat het gebouw een ziekenhuisfunctie had vindt men ook terug in de overkapping bij de ingang waar een ziekenauto onder kon rijden. In de 'romp', de gang naar het achtergedeelte, waren de ruimten van de geneeskundige afdeling met laboratorium, operatiekamer, rŲntgenkamer, enz. In de kortere achtervleugel een dag-verblijf voor het personee!, therapie-lokalen (weven, mattenvlechten, e.d.) en a!lerlei soorten dienstruimten. De verwarmingskelders waren 5 1/2 meter diep en er was een (bovengrondse) bunkerruimte voor 30 ton kolen. Andere kelders waren bestemd voor het verzamelen van de was, die er vanaf boven door kokers kon worden ingestort. Buitenom waren zware bomenpartijen door tuin-architect Schultz gespaard en in de aanleg opgenomen, samen met een vijver v!ak voor de ingang. Enke!e van die bomen staan er in 1996 nog. Het gebouw moest echter in 1987 plaats maken voor modernere opvattingen over patienten-huisvesting. lets moois van vroeger verdween ermee. Het geesteskindvan Rothuizen-Wind had het iets meer dan 50 jaar uitgehouden.' Uit Cor Janse; Blik omhoog, pagina 66
Het voormalige Ziekenhuis I aan de 2de Molenweg in Oosterbeek

 In 1872 werd te Oosterbeek de vereniging "De Ziekenverpleging" opgericht. Het doel van deze vereniging was de behartiging van de gezondheidszorg in het algemeen, maar ook het beheer en de exploitatie van het gemeentelijke "ziekenhuis" aan de 2e Molenweg. te Oosterbeek. Men had hiertoe van de molenaar een drietal kamertjes gehuurd, waarin een viertal bedden. Juffrouw Gerritsen verpleegde hier voor een jaarsalaris van ƒ 104,- de patiŽnten. Enige tijd later kreeg zij hierbij versterking en werd de gemeenteveldwachter en diens vrouw in een nevenbetrekking aangesteld tot ziekenvader en ziekenmoeder.
"De jongeling, die op 21 Dec. jl. door eene machine in de suikerfabriek te Oosterbeek vreeslijk werd verminkt, heeft thans het ziekenhuis aldaar verlaten, zonder hinderlijke lichaamsgebreken te behouden, dank zij de goede behandeling en uitnemende verzorging". Uit Het nieuws van den dag van 29-01-1885

"Nog is ingekomen een rapport van den adj.insp over het ondoelmatige van het ziekenhuis te Oosterbeek; hij adviseert om dit te laten vervangen door een geschikter". Arnhemsche courant 1-9-1893

 Dit ziekenhuis heeft dienst gedaan tot 1900. In dat jaar werd namelijk een nieuw gebouwd ziekenhuis aan de Utrechtseweg geopend.
Het voormalige Ziekenhuis II aan de Utrechtseweg in Oosterbeek

Het ziekenhuis aan de 2de Molenweg heeft dienst gedaan tot 1900. In dat jaar werd namelijk een nieuw gebouwd ziekenhuis aan de Utrechtseweg geopend.

Ziekenhuis Oosterbeek

De aanbesteding van de bouw van het ziekenhuis Oosterbeek was in 1899. "Door Burg. en Weth. der gemeente Renkum is aanbesteed: het bouwen van een ziekenhuis te Oosterbeek. Van de 11 ingekomen biljetten was hoogste inschrijving van J. Rothuizen, te Doorwerth, voor ƒ13,484, en de laagste van Gebr. Frederiks, te Oosterbeek, voor ƒ 10,258, aan wie het werk is gegund". Nieuws van den Dag 23 9 1899

Ziekenhuis Oosterbeek
het ziekenhuis nadert de voltooing
"Oosterbeek, 10 Mei. Het door de gemeente gebouwde ziekenhuis aan den Utrechtschen straatweg nabij den weg naar den Oorsprong, is door de Vereeniging "De ziekenverpleging te Oosterbeek" in gebruik genomen. Binnenkort, als het ziekenhuis is ingericht, zal aan ieder belangstellende de gelegenheid worden gegeven, om het gebouw te bezichtigen. Een bezoek is dit nette gebouw zeer waard. Het bestaat uit twee onderdeelen, nl voor besmettelijke en andere zieken. Beide onderdeelen hebben een afzonderlijken toegang; wanneer eene besmettelijke zieke ter verpleging is opgenomen, zal de onderlinge communicatie worden afgesloten. Door den hoofdingang aan de straatwegzijde komt men in het voor gewone patiŽnten bestemde deel. Een glazen tochtpui scheidt het voorportaal van eene hooge in ruime vestibule. Rechts heeft men 2 ziekenzalen, elk bestemd voor 3 bedden, een badkamer, kasten, enz. Ter linkerzijde een groot vertrek en kuiken, ten gebruike van den concierge. Het daarachtergelegen, voor besmettelijke zieken bestemde gedeelte bestaat uit 2 kamers en een badkamer. De toegang is aan de zuidzijde van het gebouw. Langs een gemakkelijken bordestrap met scheplicht bereikt men den zolder, met een afgeschoten vertrek voor den concierge. De zolder strekt zich over het geheele gebouw uit en is zůů ruim, dat hij bij ongunstig weer als wandelplaats voor de patienten kan worden gebruikt. Ook kan hij desnoods als hulp-ziekenzaal dienst doen". Arnhemsche courant 11 5 1900
Ziekenhuis Wolfheze

In alle vertrekken, ook in de vestibule, kan worden gestookt. De muren en plafonds zijn wit gepleisterd, de muren met stuc-marmer lambriseering. De vloeren in de ziekenzalen zijn van Amerikaansch grenen geolied hout; in de badkamers , vestibule en privaten zijn granieten vloeren. Boven de vensters is aan de buitenzijde een nette tegelvulling aangebracht. Zoowel de architect, de gemeenteopzichter als de aannemers hebben eer met hun werk ingelegd

Ziekenhuis Oosterbeek

"Dhr. A. Hekkers en echtgenote worden in 1902 benoemd tot vader en moeder Ziekenhuis Oosterbeek". bron Oosterbeeksche courant 1902.

Arnhemsche courant: "Oosterbeek, 3 Febr. 1906. Door de politie alhier is in beslag genomen een lijkje van een pas geboren kind, en eenige kleertjes. De moeder, eene weduwe is reeds opgespoord en wordt in het ziekenhuis te Oosterbeek verpleegd. Men zegt, dat zij bekend heeft, het kindje door verstikking van het leven te hebben beroofd. Het lijkje is heden overgebracht naar Arnhem en ter beschikking der justitie gesteld"

Het ziekenhuis zal niet voldoende gebruikt zijn, want in 1909 werd het huis met omliggende grond verkocht aan de in het jaar daarvoor te Arnhem opgerichte „Vereniging tot het verzorgen, onderwijzen en opvoeden van zwakzinnige kinderen". Raadsvergadering 6 oktober 1909: Ziekenhuis Oosterbeek verkocht aan de J.P. Heijestichting. Het ziekenhuis werd hierna geheel omgebouwd en vergroot, en op 1 maart 1911 als J. P. Heye-Stichting in gebruik genomen.
Het voormalige Ziekenhuis in Renkum, aan de weg van Bellevue naar Kurhaus.

Maar, waar stond dit ziekenhuis dan wel precies? Het stond in ieder geval in de vroegere "Fluitersmaat", en wel op het terrein dat nu is ingesloten tussen de volgende wegen; het westelijk gedeelte van de Th. De Bockweg, - de Lindelaan, - en het westelijk deel van de Kuipersweg / Lindelaan. Op dit terrein stond later op het zuidelijk gedeelte de (inmiddels ook al weer gesloopte) Gelria Mavo, die plaats heeft gemaakt voor de woningen aan de "Maria Johanna Philipseweg". Op bovengenoemd terrein stond reeds in 1745 een grote boerderij. Want zo lezen we in een pachtovereenkomst uit dat jaar: "Hier pachte Jan Janssen van Beeckhuisen voor een bedrag van ƒ 600, ~ de hoeve, 2 gaandens boomgaard, berg, twee schaapskotten, 2 schuren, een schaapsdrift en het bouwland voor het huis." Dit alles bijeenbedroeg ca. 25 hectare land, wat voor die tijd een behoorlijk bezit was. Het geheel had de naam "De Bouwingh des Maats" gelegen in de Fluitersmaat. Verder wordt nog aangegeven dat de boerderij gelegen was op het noordelijkste gedeelte van de "Katsheuvel", op de hoge wal, daar waar de Reymerweg aansluit op de Th. de Bockweg. (dit is ongeveer bij de huidige woning Th. de Bockweg 40, t.o. de J. Tooropstraat). De boerderij was niet direct aan de weg gelegen Bekijken we de kadastrale kaart van 1832 dan zien we dat hierop de boerderij wordt weergegeven als een bebouwing welke geheel is omgeven door eikenhakhout. Eigenares is dan de weduwe van Otto Janssen. Omstreeks 1897 wordt de boerderij gemeentelijk eigendom, en gaat men over tot een gedeeltelijke sloop. Het overgebleven gedeelte wordt dan geschikt gemaakt als ziekenhuis met woning. (bron: Gezondheidszorg in 19e en het begin van de 20e eeuw. Algemeen en in onze gemeente". Door C. Burgsteyn. Echo's van zes dorpen HGR 2001 nr 3.

 In 1872 werd te Oosterbeek de vereniging "De Ziekenverpleging" opgericht. Het doel van deze vereniging was de behartiging van de gezondheidszorg in het algemeen, maar ook het beheer en de exploitatie van het gemeentelijke "ziekenhuis" aan de 2e Molenweg, te Oosterbeek. Inmiddels zijn de dorpen Renkum en Heelsum ook een ziekenhuis rijk. Want, zo lezen we in een gemeenteraadsverslag van 20 april 1899, dat de gemeenteraad van Renkum de rekening 1898 van het gemeenteziekenhuis (zijnde een barak) te Dorp Renkum goedkeurde. De inkomsten voor dat jaar (1898) waren ƒ276,95 terwijl als uitgaven een bedrag van ƒ 213 stond genoteerd. Er was dus een batig saldo van ƒ63,95. Hierbij moet worden opgemerkt dat de conciŽrge naast de huisvesting een salaris van ƒ4, ~ per week ontving. Vreemd genoeg wordt hier gesproken over een conciŽrge en niet van verpleger of ziekenvader. Ook wordt hier gesproken over een barak, terwijl het in werkelijkheid een gedeeltelijk gesloopte boerderij was, waarvan het overgebleven gedeelte geschikt was gemaakt als ziekenhuis. Het is dan naar onze begrippen maar een klein ziekenhuis, want het telt dan slechts twee bedden. Als de eerste ziekenverpleger werd ene Bokschoten aangenomen, die in het resterende gedeelte van de boerderij ging wonen met zijn moeder. Later werd dit tweetal opgevolgd door een zekere Anonymus, die werd aangenomen als beheerder en ziekenverpleger voor het, voor die dagen, zeer goede salaris van vier gulden per week, waarbij de huisvesting nog was inbegrepen.

Ziekenhuis Renkum

1 = kavel C 315, C316 en C361 van Alberta Hendrika van Roest
2 = kavel C358 en C359 van Jan van Roest
3 = hier C360, in 1853 kavel C374 van Berend Karman en C 392 van Albertus Peters.

1 = het huis gebouwd voor Albarta Hendrika van Roest, later hofstede, ziekenhuis, nu het gebied begrenst door Lindelaan, Kuijpersweg, de Van Ingenweg en Thťophile de Bockweg.

Ziekenhuis Renkum
Dezelfde kavel uit HisGis. In het rood de situatie in 1832 en in het grijs is 2019 te zien.
Het gedeelte met de daarop staande hofstede (ooit bewoond door Albarta Hendrika van Roest en haar echtgenotes) verkocht Wilhelmus Hubertus Hoedt junior in 1892 aan de Burgerlijke Gemeente Renkum, die er een ziekenhuis vestigde.

Cees Burgsteijn; Bomen over Renkum; 2006; pagina 12 e.v. "Wanneer de familie Beekhuizen deze boerderij heeft verlaten is mij onbekend, maar wel is zeker dat in 1872 er een zekere Bakker woonde. In 1898 was de boerderij in zeer vervallen staat en kwam in het bezit van de Gemeente. Deze ging over toteen gedeeltelijke sloop en verbouwde het restant tot het reeds eerder genoemde ziekenhuisje. Over dit ziekenhuisje is weinig bekend, maar zeker is wel dat de eerste beheerder een zekere Bokschoten was. Deze was van beroep ziekenverpleger en werd later opgevolgd door ene Jansonius".
Burgsteijn gebruikt informatie van Van Roest en Beekhuizen, die over bewoners schreven. De bewoner kan een huurder zijn, in het kadaster lees je over eigenaren. Vandaar de andere namen van personen

Wes Beekhuizen: Groen was mijn dorp; 1973; pagina 269: "De eerste beheerder hiervan was Bokschoten, een ziekenverpleger die daar met zijn moeder woonde en mijn ouders hadden meneer Jansonius nog gekend als de man die het ziekenhuisje aan de rand van de Fluitersmaat bestierde".

Het ziekenhuis wordt voor het eerst in de Arnhemsche courant genoemd in 1895. In Het nieuws van den dag van 06-12-1898 staat: Tot vader en moeder in het ziekenhuis te Renkum zjjn benoemd G. Kuypers en echtgenoote te Maarsen.

"Dhr. en mw. Kuipers vragen per 1 februari 1901 eervol ontslag als vader en moeder ziekenhuis". Oosterbeeksche Courant van 03-11-1900

Verkoop voormalig ziekenhuis aan de weg van Bellevue naar Kurhaus kad. Sectie C no. 1577 groot 2 ha 15 are 70 centiare. Opbrengst f 3.939,--. Eigenaars J. Jansen en Gebr. van Scherrenburg". Oosterbeeksche Courant 28-08 en 25-09-1909

Van Ingenweg rond 1920
Rechts achter de boerderij lag het ziekenhuis.

Het Ziekenhuis wordt ontruimd in mei 1909.
Verhuur van het voormalig Ziekenhuis Renkum aan de Rijksveldwachter.

Ziekenhuis Renkum

Andere bronnen: Historisch Genootschap Redichem. Echo's van 6 dorpen; 2001 nummer 3

Heemkunde Renkum, Heerlijkheid: Wonen aan de Utrechtseweg in het Renkumse deel van Heelsum; aflevering 4 van Truus Boekhoudt
Kinder Vakantie Colonie de Zilverberg, Kerklaan 50 Doorwerth.

KVC de Zilverberg Doorwerth
Zilverberg Doorwerth KVC

In een latere periode wordt dit de Jeugherberg Zilverberg, en vanf 1996 de NJHC Zilverberg. In de oorspronkelijke jeugdherberg gold een regel van geheelonthouding, niet roken, geen alcohol en waarschijnlijk geen seks, jongens en meisjes waren strikt gescheiden. In Doorwerth wordt alcohol toegestaan vanaf 1972, om toch klanten te kunnen blijven trekken. In 1996 zijn er lobby's en recreatieruimtes, slaapkamers voor twee, vier en acht personen. De jeugdherberg wordt een Stayokay. En gaat dicht in 2015. In 2017 gaat de gemeente toestaan dat er arbeidsmigranten worden gehuisvest. De buurt is het er niet mee eens. Vastgoedontwikkeling BV uit Rijssen is, in samenwerking met gemeente Renkum, bezig vanaf begin 2019, met de ontwikkeling van een nieuwbouwplan op deze locatie. Het plan gaat uit van sloop van de bestaande bebouwing en nieuwbouw van een kleinschalig zorghuis voor mensen met dementie en twaalf rijwoningen.
Opmerkingen, aanvullingen, verbeteringen, graag: Hans Braakhuis